Greenity4

A ndré Hoogendijk, adjunct-directeur van de KAVB, wond er woensdag 13 december tijdens het Flower Science Congres geen doekjes om. De bollenteelt staat in de komende jaren voor een grote uitdaging. Telers moeten topkwaliteit leveren om te kunnen blijven exporteren naar allerlei landen, maar tegelijkertijd moeten ze bollen produceren in harmonie met de leefomgeving en dus minder middelen ge- bruiken. “Daarnaast moet een teler ook nog een goede boterham verdienen en leuk werk hebben.” BUNDELING Door het opzetten van het onderzoeksprogramma Vitale teelt in 2030 worden meer dan veertig onderzoeken gebundeld. Het programma, dat over een half jaar klaar moet zijn, kan straks bijvoorbeeld door de rijksoverheid als een toetsinstrument wor- den gebruikt bij beslissingen over financiering. Hoogendijk: “Een deel van de onderzoeken loopt al, maar er zijn ook onderzoeken die een steuntje in de rug nodig hebben of nog moeten beginnen. Dat komt allemaal in de gezamenlijke agenda van de KAVB, de Greenport Duin- en Bollenstreek en Noord-Holland Noord en Wageningen University & Research (WUR) voor de komende vijf jaar.” Behalve het al lopende project Het Nieuwe Verwerken is in Vitale Teelt aandacht voor een gezonde bodem. Maar ook moderne veredelingstechnieken als het in kaart brengen van het tulpen- genoom, DNA-technieken en de inzet van merkers. Ook wordt gekeken naar snellere vermeerdering en een snellere bloei van bollen, zodat in een hoger tempo duurzamere soorten worden ontwikkeld. Ook precisielandbouw, groene gewasbescherming, schoon starten met nieuw uitgangsmateriaal en het verbeteren van de biodiversiteit door de bloembollenteelt maken deel uit van het programma. LELIES UIT SCHUBBEN Een voorbeeld van innovatie in de praktijk kwam van WUR-on- derzoeker Henk Gude. Hij vertelde over een snelle vermeerde- ringsmethode van de lelie waarbij nieuw plantgoed niet meer uit bollen maar uit lelieschubben wordt geteeld. De schubben groei- en op vernieuwbaar kokossubstraat in drie jaar uit tot bollen die óf naar buiten kunnen voor de teelt van een dikke bol óf, met de juiste teeltmethoden, uitgroeien tot een bloem. Voordeel van deze teeltwijze is dat hierbij gebruik wordt gemaakt van virusvrij uitgangsmateriaal. “We doorbreken het heen en weer slepen van ziekten en plagen zoals bij de gangbare teelt. Door het schone uitgangsmateriaal heb je geen resistentie nodig. We hadden onze bollen in een omgeving gezet waar pythium rond dwarrelde. Met het substraat en de juiste hoeveelheid voeding en vocht werden ze niet ziek”, aldus Gude. Deze methode betekent wel dat de bollen twee tot drie keer zo duur worden. Gude: “Maar hoe teel je als je in 2030 geen mid- delen meer hebt? Wees niet te benauwd over die kostenstijging van 50 tot 100 procent. Er is geen alternatief.” Hij voorspelde dat over drie tot vier jaar deze vermeerderingsmethode bij een breed sortiment lelies kan zijn ingevoerd. “Bij de lelie kan het, bij de tulp nog niet.” TRADITIE EN INNOVATIE Kees Stoop van EcoTulips, een samenwerkingsverband met veer- tien telers uit Noord-Holland, wacht niet op deze ontwikkelin- gen. Door op traditionele wijze bloemen te kruisen en vervolgens gebruik te maken van de innovatieve merkertechnologie om de selectie van nieuwe soorten te versnellen, wordt geprobeerd om bollensoorten te krijgen die resistent zijn tegen vuur, fusarium, botrytus en TBV. “Fusarium ligt op zeven plekken in de genen, maar TBV zit maar op één plek. Dat is gemakkelijker te vinden.”

ANDRÉ HOOGENDIJK: ‘De bollenteelt staat in de komende jaren voor een grote uitdaging’

21 december 2017 Van den Heuvel pleitte dan ook voor samenwerking om inno- vatie mogelijk te maken. “Dümmen Orange heeft als methode ‘Buy and Build’ zodat we met een familie aan bedrijven voldoen- de geld hebben om te investeren in technologie.” Hij gaf als voorbeeld het project waarbij de tijd tussen de eerste kruising en het hebben van een eerste bol wordt teruggebracht of naar het in kaart brengen van het tulpengenoom. “Als we weten waar de meeldauwgevoeligheid van een roos ligt, kan ik die kennis gebruiken voor snijrozen, roos op onderstam en voor de tuin. Wellicht dat op deze manier op termijn de kosten van het onderzoek dalen. Er zijn namelijk honderden bloemisterijgewas- sen, bij de groenten maar twintig. We willen nu de top-10 van de bloemisterijgewassen bedienen maar wellicht wordt het in de toekomst veel meer.” Hij wees er op dat nieuwe bollensoorten hard nodig zijn want de druk door ziektes neemt toe terwijl middelen verdwijnen of de werkzaamheid neemt af. “Alles begint bij een gezonde tulp in combinatie met een weerbare bodem en eventuele groene mid- delen. Volgens ons is dit de enige weg voor de komende twintig jaar.” DRUK RETAIL Hoe dringend de vernieuwingen nodig zijn, werd benadrukt door Hans van den Heuvel van R&D Dümmen Orange. Hij trok een vergelijking met de groenteteelt waar de rol van de retail als de supermarkt veel groter is dan in de bloemen- en bollenteelt. “Zij hebben geen trek om te onderhandelen met kleine leveran- ciers, maar willen zaken doen met een paar grote leveranciers. Ik verwacht dan ook dat het aantal telers in de komende tijd wordt gehalveerd.” Hij wees ook op de toenemende druk vanuit de retail om duurzamer te produceren. Nu nog wordt driekwart van alle middelen in de bollen- en knollenteelt gebruikt. Daar- van is de helft voor de teelt van tulp en lelie bestemd. Om dat terug te brengen, is veel onderzoek en dus geld nodig.

29

21 december 2017

Made with FlippingBook Online document