Greenity4

T E E LT V E R B E T E R I NG

Een verkeerde bewaring van vaste planten is de grootste bedreiging voor de inwendige kwaliteit. Vanaf het moment dat de plant gerooid is, is het zaak er voor te zorgen dat de aftakeling zo langzaam mogelijk gaat. Met name de bewaartemperatuur is daarbij van essentieel belang.

Vis op het droge

beeld nog verwerkt moeten worden, dan moeten ze zo koud mogelijk bewaard blijven. Deze temperatuur wordt aangeduid als ‘plus nul’. Tij- dens deze bewaring moet de lucht- vochtigheid in de cel zo hoog mo- gelijk zijn, zodat er geen uitdroging plaatsvindt. De planten mogen bij deze tempe- ratuur niet luchtdicht worden inge- pakt. Inpakken in zakken met mi- croperforatie is wel mogelijk. Als duidelijk is dat er geen hande- ling meer aan de plant hoeft plaats te vinden, kan deze het beste wor- den ingevroren. Dit invriezen ge- beurt bij 2°C onder het vriespunt. De planten worden dan eerst inge- vroren en pas als ze echt bevroren zijn, ingepakt. Het is een groot voordeel als de planten al koud zijn voordat ze de vriescel ingaan. In de vriescel moeten de planten luchtdicht ingepakt worden, omdat planten in bevroren toestand snel uitdrogen. Zorg in ieder geval dat er onderop elke stapel of onder in elke kist een vel plastic ligt. De uit- droging start vrijwel altijd door trek van onderuit. Zorg er voor dat plan- ten die echt lang bewaard moeten blijven voor half februari ingevroren zijn.

Een tweede aanslag is het spoelen van de planten. De vochtreguleren- de laag rondom de wortels verdwijnt en ook door eventuele beschadigin- gen, zijn de planten veel gevoeliger voor uitdroging. Het is dus niet zo dat als je de planten tijdens het spoelen niet beschadigt, het spoelen dan geen negatief effect heeft. Na- tuurlijk is spoelen minder belastend als de plant niet wordt beschadigd, maar hij blijft daarna gevoeliger voor uitdrogen. De volgende bedreiging is de ver- werkingsruimte. Te lang in dit ‘aan- gename’ klimaat geeft, zeker voor gespoelde planten, een enorm vitali- teitverlies door uitdroging. Eenmaal verdroogde planten herstellen niet door ze weer nat te maken. In te- gendeel, ze gaan alleen maar sneller schimmelen. LANGE BEWARING Als een plant lang bewaard moet blijven, moet de ademhaling zo laag mogelijk zijn. Ademhalen is voor een plant hetzelfde als opbranden. Er wordt energie verbruikt die niet wordt aangevuld. Hoe kouder de plant, hoe lager de ademhaling. Als de planten dus niet ingevroren mogen worden, omdat ze bijvoor-

Tekst: Henk van den Berg, teelt- en bedrijfsadviseur Fotografie: René Faas

Tussen het rooien en weer planten voelt een vaste plant zich als een vis op het droge. Normaal zou de plant in de grond blijven zitten en zijn rustperiode afmaken om in het voorjaar gewoon weer uit te groeien. Omdat wij de ondergrondse delen van deze plant willen verkopen, jagen we hem gedurende de groeipe- riode op om een zo sterk mogelijke ondergrondse plant te maken. Heeft de plant dat eenmaal gedaan, dan halen we hem uit de grond en den- ken dat de plant dat lekker vindt. Natuurlijk, de meeste vaste planten zijn sterk, maar hij blijft niet zo vi- taal als hij uit de grond is gekomen. De plant gaat alleen maar achteruit en het is aan de teler om deze afta- keling zo veel mogelijk te vertragen. NA HET ROOIEN De eerste grote aanslag op de plant is de lichte verdroging tijdens en vlak na het rooiproces. Verdroging is de grootste oorzaak van schim- melvorming later in de bewaring.

21 december 2017

77

21 december 2017

Made with FlippingBook Online document