Greenity 60

14 februari 2020

10 Vakdagen Creil

32 Drieban Flora

42 IPM Essen

Showtijd



van ventilatoren verhoogt het rendement op uw omzet.

Rijksstraatweg 56a 2171 AM Sassenheim • Mobiel, dus overal te plaa • Solide en veilige construc • Regelbare snelheid • Luchtcirculatie over een g • Voorkomt dode hoeken

tel: 0252-222580 info@helmus.nl www.helmus.nl

Spoelen voor kwekerij en exportschoon van alle bollen, knollen en (vaste) planten. Engelselaan 20, 2215 RH VOORHOUT • Tel: 0252-233 info@ijsselmuiden-ventilatoren.nl

muiden-ventilatoren.nl

Warmwaterbehandelen (koken) met of zonder ECA water van o.a. Allium, Amaryllis, Crocus, Iris, Narcis, Tulp, Aconitum, Astilbe, Hosta, Pioen en vele andere produkten. Behandelingen voeren wij uit volgens richtlijnen van de BKD inclusief behandelingscertificaat en wij hebben veel ervaring met behandelingen ‘op maat’.

Voor het SCHUBBEN van Uw LELIES greenity-ijsselmuiden 190514.indd 1

14-05-19 16:34

ARIE TUIN

0048 601 159 267

arie@almano.info

greenity-helmus 191011.indd 1 Als zekerheid telt Preventieve inspectie

21-01-20 10:11

Voorkomstoringen en stilstand Voorkomonvoorziene kosten Voorkombrandgevaarlijke situaties

I NHO U D

12 Germaco: miljoen stelen per dag Tulpenbroeierij en -kwekerij Germaco in Bovenkarspel is de grootste in ons land. Maar een opvolger hebben de drie broers De Wit niet. Wie kan het op termijn kopen?

42 IPM Op de IPM in Essen is altijd veel nieuws te zien en te beluisteren.

18 Leliemiddag Andijk De gemoederen liepen hoog op tijdens de Leliemiddag in Andijk. Het zijn onrustige tijden.

In dit nummer 10  Vakdagen Creil: variatie tulp kent geen einde 12  Germaco speelt zich in de kijker 16  Lentetuin Breezand: veertig jaar winnaars van Gouden Bolbloem 18  Leliemiddag Andijk: onstuimige tijden 29  Landbouwvrijstelling bij zonnepark 32  Driebanflora: toptulpen in sprookjeswereld 42  IPM Essen: ‘Vooral de vrouwen kijken’ 46  Het Nieuwe Verwerken: meerwaarde van samenwerking

Vaste rubrieken 4  In de media 6  In gesprek Jack van der Hoek 9  Column Jennie Veninga 20  Stigastip 21  Ooit 23  5 minuten Ben van Delft 24  KAVB 30  Vakvenster 34  CNB

40  Anthos 49  Hobaho 49  De naam is ‘Ronald Ginns’ 51  Vaste planten

Op de cover 10 In deze tijd is er keuze te over in bloemenshows en beurzen. De afgelopen weken waren onder meer de Bloembollen Vakdagen in Creil, de Drieban Flora in Venhuizen en de Internationale Pflanzen Messe in Essen. Daarvan hebben we in dit nummer fraaie (foto)verslagen. En dan staat de Lentetuin Breezand alweer voor de deur.

Paeonia lactiflora 53  Teeltverbetering 54  Teeltadvies 58 Het onderzoek van Marta Streminska

14 februari 2020

3

14 februari 2020

VA N D E R E D A C T I E

In 2019 acht dodelijke bedrijfsongevallen

In 2019 waren er acht dodelijke ongevallen in de agrarische en groene sector. In 2018 waren het er veertien. Dit meldt Stigas die deze cijfers bijhoudt.

Spiegeltje Ellis Langen — Redacteur e.langen@greenity.nl

‘Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is de mooiste van heel ‘lelieland’? In de toekomst hoop ik deze vraag pas na heel veel moeite en nadenken te kunnen beantwoorden. Niet omdat ik op zoek ben naar een speld in een hooiberg, maar omdat er over een paar jaar tal van mooie en goede samenwerkende ini- tiatieven in de leliesector zijn. En misschien nog mooier, wellicht dat kwekers, veredelaars en andere vakgenoten elkaar zelfs voordragen. Zou zoiets kunnen? Ik denk het wel. Nadat ik naar de leliemiddag in Andijk was geweest en de heldere uiteenzetting van Flynth-spreker Hans Tesselaar over de situatie in leliesector had aangehoord, bleef er veel door mijn hoofd spoken. Hopelijk had het ditzelfde effect op de toehoorders, degenen die daadwerkelijk aan de slag moeten. Want de ‘mindset’, zoals Tesse- laar aan het eind van zijn presentatie aangaf, moet bij alle spelers in de keten wel om. En snel een beetje. Want wat een miserabele en onaangename toestand is het daar. Petje af voor de bedrijfsadviseur die fijntjes alle aan- wezige vakgenoten één voor één een spiegel voorhield. Typerend voor de huidige leliesector was een opmerking voorafgaand aan zijn verhaal uit de zaal, toen Tesselaar letterlijk een grote spiegel neerzette voor de groep. “Zet die spiegel daar maar neer”, werd er gezegd, wijzend naar een ander. Dat vond ik toen best een leuke grap, maar na de bedrijfseconomische ontleding en de scherpe analyse over waar het allemaal aan schort in deze sector, kreeg die opmerking op- eens een andere lading. De ernst ervan drong tot me door. Zou dat bij de aanwezigen ook zijn gebeurd? Ik hoop het van harte. Dat het tij op tijd en ten goede keert. Want het zou toch een heel ande- re en fijnere wereld zijn. Dat we over een paar jaar niet de vraag hoeven stellen: ‘Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is de lelijkste van heel ‘lelieland?’ En dat er dan keuze te over is.… Of dat er niemand meer is…

De meeste fatale ongevallen, namelijk zes, gebeurden met machines. In drie gevallen ging het om een aanrijding en in drie gevallen om een beknelling. Daarnaast waren er twee ongevallen met een silo. In de bollen- en vasteplantensector zijn geen mensen omgekomen. In 2018 wa- ren er nog twee dodelijke ongevallen. Vijf van de acht dodelijke bedrijfsonge- vallen in 2019 vonden plaats in de ak- kerbouw. Er waren twee ongevallen in de melkveehouderij en één in de sector van hoveniers en groenvoorziening. In drie gevallen was het slachtoffer een gezinslid (waarvan één keer een kind), in twee gevallen een werknemer, in twee gevallen de ondernemer en één geval is onbekend. Naast deze acht dodelijke ongevallen kwam er ook een monteur van een in- stallatiebedrijf om op een fruitbedrijf. Hij kroop door een inspectieluik in een

ULO-cel en overleed. Dit ongeval neemt Stigas niet mee in haar statistieken om- dat het omeen slachtoffer gaat die werk- zaamwas buiten de agrarische sector. AANTAL ONGELUKKEN DAALT Volgens Wim van den Boomen, be- stuurder bij LTO Nederland en werk- geversvoorzitter van Stigas, is het mooi dat het aantal ongevallen in 2019 een stuk lager ligt dan in 2018. Het gemiddelde aantal ongevallen in de afgelopen tien jaar is ook gedaald ten opzichte van de periode daarvoor. “Dat ligt op nu veertien, tien jaar gel- den was dit achttien. Maar we zijn er nog niet. Elk ongeval is er één te veel.” Hij benadrukt dat veiligheid ‘top of mind’ moet blijven. “Dat start op je eigen bedrijf: bespreek gevaar- lijke situaties met elkaar, leer van wat er misging en onderschat niet wat er mis kan gaan.”

Areaal voorjaarsbloeiers: 390 ha erbij

Het areaal voorjaarsbloeiende bolgewassen is ten opzichte van 2018/2019 gegroeid met 390 ha naar 16.854 ha. Dat blijkt uit cijfers van de Bloembollenkeuringsdienst. Bij tulp neemt het areaal toe van 12.879 naar 13.228 ha, ofwel bijna 350 ha. Ook bij narcis en hyacint is sprake van een flinke areaalstijging. Bij narcis is er 25 ha bijgekomen tot 1.311 ha, terwijl het hyacintenareaal is gestegen met 85 ha tot 1.328 ha. Ook het areaal Allium neemt toe: van 269 naar 291 ha. Krimp is er bij Iris (-46 ha naar 157 ha), Crocus (-50 ha) naar 271 ha) en Scilla (-4 ha naar 15,5 ha). Het areaal Anemone blanda, Chionodoxa, Hyacinthoides, Muscari, Nectaroscordum en Puschkinia is nauwelijks veranderd.

4

14 februari 2020

S T E L L I NG

Fusie is een goede overlevingsstrategie voor teeltbedrijven

Het was een opmerkelijk bericht, half januari: drie grote lelieteeltbedrijven onderzoeken of zij kunnen fuseren. Alle drie zijn het flinke, gezonde bedrijven. Voor kleine bedrijven in zwaar weer of zonder opvolger zou het mis- schien ook een uitkomst kunnen zijn. Veel kleintjes maken samen een grote en kunnen samen werken aan een gezonde toekomst.

59 % E E N S

Op www.greenity.nl kunt u reageren op de nieuwe stelling: ‘Het coronavirus nekt de handel met Azië’.

Keukenhof koopt Bollenboulevard Keukenhof is sinds deze week eigenaar van de zogeheten Bollenboulevard in Lisse. Onduidelijk is of daar komend jaar nog bollen worden verkocht. Keukenhof is met de ondernemers in gesprek. Voorzitter Henk Westerhof van handelsbrancheorganisatie Anthos is blij met de aankoop van de boulevard door Keukenhof: “Als daar in de toekomst nog bollen worden verkocht, dan kunnen we ervan uitgaan dat er geen voorjaarsbloeiers meer worden verkocht. Keukenhof staat voor kwaliteit, dus dan komt het goed.” Anthos en belangenbehartiger KAVB strijden al jaren tegen de verkoop van bollen van slechte kwaliteit. Uit bloeiproeven bleek dat de bollen die op de boulevard wer- den verkocht vaak niet opkwamen.

A G E ND A

15 t/m 16 februari Huisbroei Lutjebroek t/m 16 februari Vaktentoonstelling Zwaagdijk Tuinidee 17 februari Spuitlicentiebijeenkomst Actualiteiten gewasbe- scherming 18 februari Spuitlicentiebijeenkomst Veiligheid en techniek 18 t/m 20 februari HortiContact

C O L O F ON

14 februari 2020 De redactie werkt op basis van een redactiestatuut. Aan alle artikelen en rubrieken wordt de meest mogelijke zorg besteed. Uitgevers, redactie en medewerkers aanvaarden echter geen enkele aansprakelijkheid voor mogelijke gevolgen die direct en/of indirect kunnen voortvloeien uit de inhoud van artikelen en/of advertenties. De redactie houdt zich het recht voor om ingezonden brieven enmededelingen niet te plaatsen dan wel te wijzigen of in te korten. Overname van artikelen, berichten of fotografie is uitsluitend toegestaan na schriftelijke toestemming van de redactie. Greenity is een voortzetting van het tijdschrift BloembollenVisie (2003-2017). BloembollenVisie ontstond uit een samenvoeging vanMarktVisie (CNB) en Bloembollencultuur (KAVB). REDACTIE Hans van der Lee (hoofdredacteur), Lilian Braakman, Arie Dwarswaard, Ellis Langen en Monique Ooms (vakredacteuren), André Leegwater (eind- en webredacteur) FOTOGRAFIE René Faas VORMGEVING Filie Nicola en Lianne van ’t Ende WEBSITE www.greenity.nl CONTACT Postbus 31 | 2160 AA Lisse | tel. 0252-431 431 | info@greenity.nl ADMINISTRATIE tel. 0252-431 200 | naw@cnb.nl REDACTIEADRES Heereweg 347 | 2161 CA Lisse DRUKKERIJ Damen Drukkers | Werkendam. Dit magazine wordt milieuverantwoord en CO 2 -neutraal gedrukt. ABONNEMENTEN Excl. btwper jaar: Nederland € 275,–, Europa € 295,–, buiten Europa € 325,– ADVERTENTIES Bureau Van Vliet bv | Postbus 20 | 2040 AA Zandvoort | tel. 023-5714745 | zandvoort@bureauvanvliet.com UITGEVERS KAVB en CNB ISSN 2589-4099

21 t/m 23 februari Myanmar Horti Fair 21 t/m 24 februari Lenteflora 27 februari Landbouw zonder chemie – Hoe dan? 27 februari t/m 2 maart Lentetuin Breezand

Kijk voor de volledige agenda op www.greenity.nl

5

14 februari 2020

I N G E S P R E K

14 februari 2020

14 februari 2020

6

14 februari 2020

‘Steile leercurve in de landbouwsector’

Rustig opbouwen is er voor landbouwgedeputeerde Jack van der Hoek in de provincie Noord-Holland niet bij. De stikstofcrisis zorgde voor druk op de ketel. “Het gaf in ieder geval wel een heel steile leercurve op één onderdeel”, zegt hij over zijn landbouwportefeuille. Het is een nieuw onderdeel voor Van der Hoek en daarom wil Greenity wel eens van hem weten hoe hij naar de sector kijkt.

Jack van der Hoek GEDEPUTEERDE PROVINCIE NOORD-HOLLAND

Sinds juni 2019 is Jack van der Hoek (D66) gedeputeerde van Noord-Holland voor onder andere economie, landbouw en visse- rij, dierenwelzijn, bestuur, Europa, recreatie en toerisme. Hij nam de landbouwportefeuille over van Jaap Bond (CDA). Zelf was Van der Hoek in de vorige collegeperiode gedeputeerde met onder meer duurzaamheid, energietransitie en circulaire economie in het pak- ket. Eerder werkte hij voor de Nederlandse Veiligheidsdienst, was hij veiligheidsmanager voor de gemeente Haarlem, wethouder in Uitgeest en vervolgens in Haarlem. Als gedeputeerde neemt hij deel aan vele overlegstructuren en besturen. Zo is hij voorzitter van de stuurgroepen voor de Greenports Aalsmeer en Noord-Holland Noord en van het Landelijk Milieuoverleg Bloembollen.

Tekst: Ellis Langen en Hans van der Lee | Fotografie: René Faas

Wat weet u eigenlijk van de bloembollensector? “Door de stikstofcrisis lag de focus vooral op andere sectoren binnen de landbouw, dus de verdiepingsslag moet nog komen. Nu het wat rustiger is, heb ik gelukkig kans gezien een aantal bedrijfsbezoeken af te leggen in de bloembollen- sector. Zo ben ik bij Proeftuin Zwaagdijk geweest en bij Karel Bolbloemen in Bovenkarspel. De broei op water vind ik heel indrukwekkend, maar ik ben nog niet voldoende op de hoog- te van wat er speelt. Wat dat betreft had u mij beter over een half jaar of een jaar kunnen spreken. Ik weet wel dat het een heel innovatieve sector is, waarbij veel wordt gedaan aan duurzaamheid. Niet alleen betreffen- de de teeltprocessen maar ook innovaties in de toepassing van nieuwe technieken en machines die worden gebruikt, al dan niet data-gestuurd. De ondernemers zijn zelf ook innovatief. Ze ontwikkelen samen machines en dat wordt vervolgens een exportproduct met een verdienmodel. Het gaat dus verder dan de tulpen die ze broeien. Dat vind ik fraai om te zien.” Eerder was u gedeputeerde met duurzaamheid in de por- tefeuille. Toen heeft u toch al kennis kunnen maken met de sector? “Ik heb toen gemerkt dat de bollensector goed bezig is, samen met de glastuinbouw, om open te zijn over de ver- duurzaming. Met cijfers over het gebruik van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen wordt duidelijk welke slagen de sector maakt en dat doet ze prima. Binnen de Staten zijn er kritische geluiden te horen over gewasbeschermings-

middelen die een deel van de staten ook ‘gif ’ noemt. In die bewoordingen hoor je meteen de politieke discussie terug. Zo zijn er statenleden die menen dat alles biologisch moet, maar ik weet inmiddels dat biologische middelen soms weer veel vaker gespoten moeten worden dan de chemische. Wat is dan beter? Woorden moet je hierin vaak op een schaaltje wegen. Daar moeten we nog veel over met elkaar in gesprek. Het is goed dat de sector met de omgeving in gesprek blijft over middelen als mensen zich zorgen maken over wat er op het land gebeurt. De druk op openheid is ook deels natuur- lijk ontstaan door uitzendingen als Zembla. Maar ik vind dat de sector daar op een goede manier op reageert. Ze houdt niet haar mond, maar praat erover, geeft informatie waar om wordt gevraagd en kijkt waar de risico’s zitten. Of ze dat genoeg doen, kan ik niet beoordelen. Ik zie wel de bereid- heid om dit te laten onderzoeken. En daarmee begint het.” U bent van D66. Uw partij pleit voor een forse sanering van de agrarische sector. Heeft u daar geen last van? “Nee, daar heb ik geen last van. Ik zit hier als gedeputeerde en niet als lid van de fractie. Natuurlijk weet iedereen dat ik van D66 ben, maar het gaat vaak om het persoonlijke contact en dat is goed. De kwekers begrijpen dat er vanuit Den Haag een agenda is en ook dat mijn partij een program- ma heeft, maar ik zit hier om het coalitieprogramma uit te voeren. Daar zitten natuurlijk elementen in zoals verduur- zamen van de land- en tuinbouw, de verbetering van de water- en bodemkwaliteit en dat we naar natuurinclusieve landbouw gaan. Ik denk dat je van mening kunt verschillen

14 februari 2020

7

14 februari 2020

I N G E S P R E K

over het tempo waarin het moet en ik denk dat het daar knelt. Het is niet de vraag of kwekers wel willen.”

Die verduurzamende sector heeft ook een duidelijk econo- misch belang voor de provincie. Vergeet u dat niet, met het oog op de ruimte voor de teelt? “Noord-Holland heeft het grootste aaneengesloten bloembol- lengebied, zo’n 60 procent van de Nederlandse bollenteelt is in Noord-Holland te vinden. Wij hebben 13.000 hectare bollen en er is nog ruimte binnen de concentratiegebieden. Het is economisch gezien inderdaad een grote sector in onze provincie en dat wil ik graag blijven ondersteunen. Dat we nog steeds ruimte hebben, komt onder meer omdat telers ook grond zoeken in bijvoorbeeld Flevoland. We zien geen druk om de concentratiegebieden in onze provincie verder te vullen met bollenteelt, dus er is geen plan om buiten die concentratiegebieden grond voor de bollen aan te wijzen. Ik denk dat de natuurplannen die we in ons coalitieakkoord hebben opgenomen geen bedreiging zijn. Er is opgenomen dat we 3.000 hectare natuur aanleggen, maar dat is geen nieuwe opgave maar volgt uit bestaande afspraken met het Rijk. Hoewel er dus nog iets ruimte is, zitten we met het bol- lenareaal in de provincie wel aan het maximum. Er is veel druk op grond in Noord-Holland. Recreatie, energietransitie, woningbouw en mobiliteit vragen ook ruimte. We moeten er wel op letten dat er geen bloembollenareaal verloren gaat, zoals in Egmond met de plannen voor verplaatsing van de sportvelden. Primair ligt deze beslissing bij de gemeente, maar het is wel iets waar we kritisch naar kijken.” En zonnepanelen op bollengrond, gaat dat gebeuren? “Parken zijn tijdelijk, we geven voor 15 tot maximaal 25 jaar toestemming. Daar zijn voorwaarden voor. Parken mogen niet zomaar in het open gebied liggen, ze moeten ergens aan grenzen. Een industrieterrein bijvoorbeeld. Ik snap de zorg vanuit de sector dat er areaal verloren gaat, maar je ziet ook voorbeelden van gemengd gebruik en er teelt tussen de panelen is.” Biologische bollenteelt wordt gestimuleerd. Er is een programma voor bij de provincie en de percelen moeten bij natuurgebieden komen. Waar komt die ruimte precies? “Met dit programma moeten we nog echt beginnen. Ik moet eerst verkennen hoe de sector op dit onderwerp in elkaar zit en wat er al loopt. Via de Greenport Noord-Holland Noord zetten we in op kennisdeling van die biologische landbouw en proberen we de pioniers op dit vlak, zoals John Huiberts, te ondersteunen met een subsidie. We proberen hem als am- bassadeur in te zetten. Via het programma natuurinclusieve landbouw proberen we ook bio te bevorderen, waarbij we ook kijken hoe we de afzet kunnen stimuleren. De provincie zet rotondes ook vol met biologische bollen en ik heb ze zelf ook in de tuin. Ik ga in de sector luisteren hoe we de stimu- leringsfondsen het best kunnen besteden. Geld kun je maar één keer inzetten. Dan moet het aan die onderdelen worden besteed waar het het meest effectief is.” Vorig jaar ontstond er weerstand onder Noord-Hollanders tegen het scheuren van grasland voor bloembollengrond. Wordt die mogelijkheid beperkt of krijgt de reizende bol- lenkraam ruim baan? “De reizende kraam geeft wel een verhoogde milieubelasting in vergelijking met grasland en we zien een verplaatsing van de teelt vanuit de binnenduinrand naar het binnenland. In de duinzoom neemt de ruimtedruk toe door natuur en

‘Het is goed dat de sector met de omgeving in gesprek blijft over middelen als mensen zich zorgen maken’

recreatie. De reizende kraam werkt aan de verduurzaming en is bovendien een belangrijke inkomstenbron voor de melkveehouderij in West-Friesland, dus op het moment is er geen aanleiding om te veronderstellen dat we daaraan gaan tornen. Plaatselijk zien we wel eens weerstand onder gemeentebesturen, zoals ik bij een bezoek aan Schoorl begreep. Daar is binnen het gemeentebestuur discussie over het scheuren van grasland. Je ziet de zorgen over wat het met de grond doet en wat het effect is op de biodiversiteit toenemen. Dat onderstreept het belang dat de sector werkt aan verdere verduurzaming.” Als de economische rol van de bollen zo belangrijk is voor de provincie, werkt u dan ook actief mee aan een oplos- sing voor de huisvestingsproblemen van seizoenarbeiders? Gemeenten blijven maar aarzelen. “Het is niet mijn portefeuille, maar ik praat hier wel over. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeenten, maar we bespreken de mogelijkheden in veel van de samenwer- kingsverbanden die ik voorzit, zoals De Kop Werkt! en de Greenport-stuurgroepen. Eerst moeten we goed in kaart brengen waar behoefte aan is. Meten is weten. De vraag naar arbeid kan per deelgebied veranderen. En wat voor agrari- sche bedrijven zijn dat dan? En in welke tijden hebben zij het personeel nodig? Ik hoorde bij de telers dat ze ook gaan kijken of ze de huisvesting kunnen delen. De gemeenten moeten die inventarisaties maken en aangeven hoe groot het probleem precies is. Wij kunnen dat niet afdwingen. Vanuit economisch oogpunt is het wel van belang dat er iets gebeurt omdat sommige bedrijven in de knel komen. Mensen willen er soms niet meer werken omdat ze niet goed gehuisvest kunnen worden.”

8

14 februari 2020

C O L UMN

Boerderijen Fietspuzzeltocht

Jennie Veninga Tulpen- en lelieteelt Hijken, Drenthe jennie@veningahijken.nl

Sinds zes jaar staat onze gemeente op tweede pinksterdag in het teken van de Boerderijen Fietspuzzeltocht. De organisatie ligt in han- den van een groep vrijwilligers. Vorig jaar ben ik aangeschoven bij deze groep. Toen was ons bedrijf een van de boerderijen die tijdens de fietstocht konden worden bezocht. Samen met een melkveebedrijf, een teffteler, een melkgei- tenhouderij en een bloemenkwekerij stonden we op de lijst van deelnemende bedrijven. De fietsers kunnen tegen een kleine vergoeding de routebeschrijving met de bijbehorende puz- zelvragen krijgen bij het startpunt. Vorig jaar waren er ruim 1.100 mensen, die ’s morgenvroeg hun banden hadden opge- pompt en begonnen aan de fietstocht met een lengte van ruim 40 kilometer. Rond diezelfde tijd zijn wij op ons bedrijf begonnen om alles klaar te zetten. In die tijd van het jaar is het redelijk rustig, dus zijn er niet veel activitei- ten om te laten zien. De fietsers konden bij ons een route lopen langs en door de schuren. Daar konden ze onze machines bekijken en aan het eind van de route was er tijd voor een kopje koffie of thee. Op ons verzoek stond de Jeugdsoos op het plein met een hamburger- kraam. Om de fietsers te voorzien van een war- me hap en de kas van de Jeugdsoos te spekken. Wij waren de laatste stop op de route. Uiter- aard was ik, als onderdeel van de organisatie, benieuwd naar de reacties. Gelukkig waren deze allemaal erg positief. Met name het feit dat de boeren hun deuren openzetten voor de fietsers wordt als positief punt genoemd. Op dit moment zijn wij als organisatie druk bezig met de volgende Boerderijen Fietspuzzel- tocht. Deze keer in een ander deel van onze gemeente, met andere bedrijven. Het lijkt erop dat we ook dit jaar een mooie route kunnen maken met verschillende boerenbedrijven die hun deuren openzetten voor de fietsers. Bin- nen onze gemeente hebben we genoeg fietspa- den en natuur. Ook dat maakt de route aan- trekkelijk voor de deelnemende fietsers. Nu maar hopen dat het weer een beetje meewerkt. Dat scheelt natuurlijk wel in het aantal deelne- mers. Enthousiaste deelnemers zijn belangrijk om als boeren binding te krijgen en te houden met onze omgeving.

14 februari 2020

14 februari 2020

14 februari 2020



14 februari 2020

1

Variatie tulp kent geen einde op Bloembollenvakdagen

Ook dit jaar was het sortiment dat op de Bloembollenvakdagen in Creil te zien was

imponerend. In dit gebied is de volle breedte van het tulpensortiment te vinden. De combinatie met een marktbroeishow geeft een goed beeld van de kwaliteiten van het geshowde sortiment.

Tekst: Arie Dwarswaard | Fotografie: René Faas

1. Alice Valk zorgde dit jaar voor een fraai decor op de Bloembollenvakdagen in Creil. Haar foto’s van tulpen en de tulpenteelt lieten een mooie, vaak net iets andere kijk zien.

2. Sylvestris zet al vele jaren in op zaailingen met virusresistentie. Dat levert novitei- ten op die extra interessant zijn. Een van de fraaie selecties was er een met grote, gele bloemen, die in de top een intense rode spikkeling hebben.

3. Soms ogen nieuwe tulpen als een schilderij. Dat geldt zeker voor P 39-4 van Snoek Breeding. Deze dubbele zaailing laat een fraaie kleurencombinatie zien.

2

10

14 februari 2020

4

3

5

7

6

4. Een tulp op zijn mooist showen is een kunst, maar presteren op de broeibak is ook een kunst. De roze ‘Feline’ van Mulder Tulips deed allebei. En dus werd deze tulp de winnaar bij de Marktbroeishow. 5. In de kleurcombinatie rood met een gele rand is ‘Ready’ van het Testcentrum voor Sier- gewassen een opvallende nieuwkomer. Maatschap Slootman-Claassen liet deze tulp in prima conditie zien. 6. Cyprian de Jong was net als 2018 de winnaar van de show. Hij kreeg de Gouden Tulp voor zijn totale inzending, met daarin onder meer ‘Dutch Design’, ‘Energy 4 All’, ‘Nyenro- de’ en ‘Pulitzer’.

7. De firma Stengs-Leyten had met de dubbele oranje ‘Gaston’ de tulp in huis die door de jury als het Poldertalent werd aangemerkt.

8. Bij de gefranjerde tulpen viel ‘Philly Belle’ op door de combinatie van een wijnrode kleur en in de rand her een der een toefje wit. ‘Philly Belle’ werd geshowd door Burger Lelies en Tulpen en is in 2017 door de Nederlandse ambassade aan de stad Philadelphia geschonken.

8

14 februari 2020

11

14 februari 2020

Vanuit de kantine van Germaco 2 is de verwerkingshal te zien. Op deze locatie staan negen bosmachines.

Tulpenbroeierij en -kwekerij Germaco in Bovenkarspel haalde vorig jaar als nieuwkomer de Hillenraad100. Dat streelde het ego van de drie nuchtere broers Cees, Gerard en Marc de Wit. “Maar we waren altijd al goed bezig. We zijn al jaren de grootste tulpenbroeier maar dat was geen doel op zich.” Met de ranking staan ze in de picture. Mooi, want ze hebben geen opvolging en willen het bedrijf op termijn verkopen. Germaco speelt zich in de kijker

V anuit de kantine kijk je uit op de verwerkingshal van Germaco 2. Daar staan acht van de negen bosmachines die op deze locatie staan te draaien. Smileys geven aan hoe het personeel presteert. “Bij een gele smiley met een recht mondje worden er 11.000 ste- len per uur gemaakt, bij een groene smiley 13.000 stelen”, zegt Cees de Wit. De ‘productiviteitsdisplays’ zijn nieuw. “Ze zijn niet zo zeer bedoeld om ze harder te laten werken”, haast Cees zich te zeggen, “het heeft een positief effect op de motivatie en werkvreugde. Dat heeft zijn weerslag op de productiviteit.” Het geeft aan dat het bedrijf gebrand is steeds efficiënter te produceren. De nadruk ligt sinds jaar en dag op mecha- nisering en automatisering. Bij nieuwe ontwikkelingen, zoals een automatisch containersysteem, ozonontsmetting, bosmachines, led-verlichting, waterzuivering en track & trace, stond Germaco aan de wieg en liep het voor de muziek uit. Gerard: “Daar lag voor de Hillenraad volgens mij het zwaartepunt ons op te nemen in de lijst.” Het leverde ze plek 89 op in de lijst met de 100 meest toonaangevende bedrijven in de tuinbouw. IN DE PICTURE KOMEN De Hillenraad lette extra op bedrijven die sneller groeien dan tevoren. Ook daarin viel Germaco op, al groeit het al sinds zijn bestaan in 1988. Het startte met 4 miljoen stelen dertig jaar geleden en groeit dit seizoen naar 140 miljoen stelen. Het seizoen hiervoor was het 100 miljoen stelen, maar dat is eenvoudig te verklaren, vertelt Gerard. “2018 was het slechtste bollenoogstjaar ooit, 2019 ineens het beste. Dan ga je voor de broeierij naar anderhalf keer zoveel. De twee extra bosmachines die al gekocht waren, komen nu prima van pas.” Twee jaar geleden stond Germaco al in Hillenraads top tien van grootste snijbloementelers van Nederland. En eerlijk is eerlijk, een paar jaar eerder vroeg de Hillenraad-organisatie Germaco al gegevens aan te leveren. Toen zagen ze er echter het nut niet van in. Dat tij is gekeerd. Cees: “We zijn alle drie tussen de 55 en 60 jaar. Vorig jaar besloten we dat het tijd wordt om meer in de picture te komen en uit te dragen dat we ons hele bedrijf in de toekomst willen verkopen. We

Tekst: Ellis Langen | Fotografie: René Faas

12

14 februari 2020

Smileys boven elke band geven aan hoe het perso- neel presteert bij het op de aanvoerband leggen van de tulpen.

Op het bedrijf werken 40 mensen in vaste dienst en in het hoogseizoen zijn er 120 tot 150 arbeidsmigranten aan de slag.

Gerard, Cees en Marc De Wit (vlnr)

denken aan een investeringsmaatschappij. We zijn waar- schijnlijk te groot om te worden overgenomen door een collega-kweker.” ORGANISATIE OP ORDE MAKEN Tien jaar geleden beseften ze al dat ze ‘niet aan het werk zijn voor het nageslacht’. De kinderen toonden geen ambities op dit vlak. Gerard vult aan: “Toen ik 50 werd, heb ik wel eens gekscherend gezegd dat we alleen nog maar investeringen zouden doen die binnen vijf jaar zijn terug te verdienen.” Die vlieger gaat niet op. Het bedrijf wil geïnteresseerde ko- pers zo aantrekkelijk mogelijke financiële cijfers laten zien. Investeringsmaatschappijen hebben het voor het kiezen in de agrarische sector. Dan moet je eruit springen. Dat bete- kent dus nog harder werken aan efficiënter produceren en het zo goed mogelijk regelen om de organisatie en mensen in de toekomst te kunnen overdragen. Aan dat laatste wordt hard gewerkt. Het middenkader, twaalf mensen, krijgt geregeld cursussen en afgelopen najaar deden zij een cursus over Lean, een methode om verspilling in een bedrijf tegen te gaan. Gerard: “In ons geval betekent dat efficiënter werken en fouten voorkomen.” Het middenkader moet ook meer leren aansturen en de leiding overnemen. “Want wij gaan er in de toekomst een keer tussenuit.” De vier bedrijfsleiders en de drie broers volgen daarnaast het ontwikkelprogramma ‘Effectieve Persoonlijke Productiviteit’ van LMI, een bedrijf dat organisaties coacht in leiderschap. Dit leert ze wat in de dagelijkse praktijk het beste werkt om effectief te zijn en de productiviteit flink te verhogen. ‘ER KAN NOG VEEL’ Voor een investeringsmaatschappij telt één ding, geeft Gerard aan: structureel winstgevend zijn op lange termijn. Germaco is een grootschalig en op kostprijs gedreven teeltbedrijf dat met kwaliteit vooroploopt. Gerard: “Het draait om minder uitval, productiviteit en een betere kwaliteit. Daarvoor wor- den kosten noch moeite gespaard.” Dat lukt en om die reden levert Germaco via groothandel L&M in Rijnsburg al jarenlang aan diverse exporteurs. Die leveren weer aan Europese super- markten, met name aan retailketens Aldi en Lidl. Ook de afzet

14 februari 2020

13

14 februari 2020

“We zijn waarschijnlijk te groot voor overname door een collega-kweker”

naar Poolse supermarktketens groeit de laatste jaren snel. De broers verwachten meer afname door ketens in andere Oost-Europese landen, zoals Oekraïne en Rusland. Gerard: “Er kan nog veel als het daar eenmaal losbarst…” Het Rabobank-scenario dat het aantal snijtulpen tot 2023 nog met één miljard stelen kan groeien, is volgens hem te voorzichtig. “Het kan wel van 2,5 naar 5 miljard stelen groei- en.” Waar het op kan mislopen zijn politieke spanningen of een knauw in het imago van de tulp. Dat laatste beseft het bedrijf. Cees: “We ontsmetten al jaren niet meer, we gebrui- ken ozon. We lozen niet meer en gebruiken steeds minder middelen, meststoffen en energie.” Dat tulpen een succesproduct is voor supermarkten, is en blijft een groot voordeel. Het bosje fungeert als een goed- kope publiekstrekker. “Voor 1,99 heb je geen ander bosje bloemen.” De positie van Germaco bij Europese supermarkt- ketens moet het bedrijf extra interessant maken voor een investeringsmaatschappij. Maar ook dat de broeier nog volop kan uitbreiden. Op Germaco 2 worden nu 100 miljoen stelen gekweekt en op Germaco 1 en 3 is dat ieder 15 miljoen. Die laatste twee locaties kunnen nog volop groeien. Grond is er, de gebouwen zijn zo opgezet dat uitbreiding gemakkelijk is en er is ruimte in het bestemmingsplan. Het belangrijkste is echter dat zo’n grootschalig bedrijf goed gerund moet wor- den. Goed gekwalificeerd personeel is daarbij een vereiste. “Het is jammer dat de tuinbouw geen hip imago heeft, want tegenwoordig werken we met veel hightech apparatuur waardoor we deze mensen goed kunnen gebruiken.” OP HET VINKENTOUW Op de voortdurende hang naar kostprijsverlaging staat geen rem. Gerard: “We moeten juist nu blijven innoveren.” De eindprijs die Germaco van supermarkten krijgt, staat vrijwel vast. De kweker vindt het absurd dat hij de prijs niet kan ver- hogen. “De kosten zijn veel hoger geworden, maar onze vader kreeg net zo veel voor een bosje als wij. Ieder ander, zoals onze leveranciers, verhogen de prijs ieder jaar met 3 tot 5 procent. Dit maakt dat we ieder jaar gemiddeld 4 procent goedkoper moeten produceren om op dezelfde winst uit te komen.” Alleen door mee te gaan met innovaties kan Germaco aan de kostenkant nog zaken verbeteren en worden kwaliteitsstappen gezet. De broers staan er telkens weer van te kijken dat dit ze lukt. Ze zien nog kansen om te besparen op arbeidskosten. Ze zitten op het vinkentouw van de automatische bollenplantma- chines en ook werken ze mee aan automatische virusselectie. Daarnaast is het elk jaar weer zoeken naar betere soorten, minder uitval en de processen nóg beter beheersen. Wat dat laatste betreft, zijn ze in hun nopjes met het track & trace-systeem. “Ik durf wel te zeggen: het meest geavanceer- de in de bollensector.” Dit onderdeel is volgens Germaco van grote waarde voor investeerders. Los van de persoon zijn za- ken verankerd waardoor risico’s op fouten worden beperkt. “Er is zo veel controle in onze processen ingebouwd. Is iets niet gebeurd, krijg je een dag later een alarm. Als er weinig fouten worden gemaakt, heb je de grootste stap naar een positief resultaat al gezet.”

Gemiddeld één miljoen stelen per dag weg Germaco had in 2019 een omzet van ruim 10 miljoen euro. Het bedrijf teelt zes kleuren enkelbloemige snijtulpen op drie locaties in dezelfde straat in Bovenkarspel. De eigen bollenkweek vindt plaats op 200 hectare grond in de Flevopolder, Noordoostpolder, Zeeuws Vlaanderen en Duitsland. Op het bedrijf werken 40 mensen vast. In het hoogseizoen werken er 120 tot 150 arbeidsmigranten. In het broeiseizoen gaan er gemiddeld één miljoen stelen per dag weg. Bij Germaco 1 en 2 is er eigen huisvesting voor 60 mensen. Nog een accommodatie is mogelijk bij Germaco 3.

14

14 februari 2020

Logo Van Dijke Groep

Burgemeester J. Zijpweg 14 - Venhuizen - Mobiel 06 229 454 73 - www.koknettencleaning.nl

Logo Van Dijke Groep

greenity-kok netten 190411.indd 1

11-04-19 13:43

trommelwassers eco wassers pelmachines kopmachines aqua graders

Van Dijke Group ®

Solid Dutch cleaning and recycling solutions

Van Dijke Group ®

Solid Dutch cleaning and recycling solutions

CannaSol: virusvrije knollen Bletilla: Nederlands geteeld Pioenen: breed assortiment www.green-works.nl reclameatelier reclameatelier

Lettertypen Foco

Opdrachtgever Van Dijke Groep Sint-Philispland

Kleuren Rood C-0 M-100 Y-100 K-0 R-224 G-16 B-32 PMS 485 Avery 837 ??? (testen bij print)

Ontwerpdatum 6 januari 2015

Ontwerper Arie van der Meer

Van Dijke Group Sint Philipsland The Netherlands t +31 (0)167.572385 www.vandijkegroep.nl

Lettertypen Foco

Opdrachtgever Van Dijke Groep Sint-Philispland

Kleuren Rood C-0 M-100 Y-100 K-0 R-224 G-16 B-32 PMS 485 Avery 837 ??? (testen bij print)

Ontwerpdatum 6 januari 2015

Ontwerper Arie van der Meer

in

Op youtube treft u onze bedrijfszekere machines vol in bedrijf

bbv-green works 170919.indd 1

19-09-17 14:22

Regie met slagkracht! PITCHER ®

FUNGICIDE

Pitcher bevat de unieke combinatie van folpet en fludioxonil. Dit maakt Pitcher sterk tegen bloembollenschimmels Fusarium en Rhizoctonia. Pitcher is een vloeibaar product en goed mengbaar met andere fungiciden. Dat maakt het inzetten van Pitcher eenvoudig: regie met slagkracht!

Voor boldompeling van bloem- bol- en bloemknolgewassen en de

gewasbehandeling van bloemisterijgewassen, Buxus en vaste planten.

ADAMA_A5adv_Pitcher_185x135mm.indd 11

27-01-20 09:02

And the winner is...

Binnenkort viert de Lentetuin in Breezand zijn veertigste editie. Al die shows hebben een bonte verzameling aan Gouden Bolbloem-winnaars opgeleverd. Hoe is het de cultivars en hun inzenders vergaan? Een kleine greep uit veertig jaar lentestrijd.

Tekst: Monique Ooms | Fotografie: René Faas

Hoe het begon Van 27 februari tot en met 2 maart staat de Lentetuin weer met dik- ke letters geschreven in de agenda’s van bloembollenbedrijven in het Noordelijk Zandgebied. Jan Ligthart van Ligthart Bloembollen weet nog goed hoe het veertig jaar geleden begon. “Ik was inzender van Wintervreugde, de bolbloemenshow in Opmeer. Op een zon- dagmiddag ontmoette ik daar Ton Roozen en Hans Wessels. Aan de bar van café Amazone ontstond het idee om ook zoiets te orga- niseren in het Noordelijk Zandgebied, zodat de producten die daar geteeld worden een eigen podium zouden krijgen.” Kwekers in de regio bleken het een goed idee te vinden en zo kwam het plan tot leven. De bollen werden gebroeid bij Van den Hoek en Piet Hollan- der van het lokale tuincentrum wilde wel een ontwerp tekenen voor de tuin. Nog altijd is de Lentetuin relevant, vindt Ligthart. “Nergens ter wereld is er zo’n compleet bloembollenassortiment onder één dak te zien.” Ligthart Bloembollen is nog steeds inzender. “Voor ons is de Lentetuin ideaal voor de promotie van nieuwe cultivars.”

16

14 februari 2020

Feiten en cijfers 40 jaar Lentetuin • Op 5 maart 1981 was de eerste Bolbloe- menshow Noordelijk Zandgebied. De eerste twee edities vonden plaats in de Hobaho-hal aan de Zandvaart in Bree- zand. • De derde en vierde editie van de show waren in de ‘luchthal’ op het ZAP-terrein. • Vanaf 1985 vindt de Lentetuin plaats in de Zwaluwvluchthal op het ZAP-complex. • Prinses Beatrix opende in 2005 als toen- malig koningin de Lentetuin ter gelegen- heid van het 25-jarig bestaan. • Koning Willem-Alexander opende in 2015 de Lentetuin tijdens het 35-jarig jubileum. • De Lentetuin trekt jaarlijks ruim 20.000 bezoekers. • Ongeveer 160 vrijwilligers zijn actief voor de Lentetuin, van schilders, timmerman- nen, op- en afbouwploegen, kassavrijwil- ligers, gastheren en -vrouwen tot aan ver- keersregelaars en bestuursleden. • De bolbloemenshow beslaat 1.800 m 2 , waarvan 666 m 2 is beplant.

W orld Flower B.V., dat eerst onder de naam van J.W.A. van der Wereld & Zn. meedeed, won in 1984 zijn eerste Gouden Bolbloem. Het bedrijf is nu in handen van de broers Kees, Arnold en Arnolds zoons Jarno en Nick. Kees en Arnold vertellen: “Wij waren nog tie- ners toen onze vader al meedeed aan de Lentetuin. Dat de jonge generatie zo’n initiatief nam, vond hij goed. Meedoen was mooie promotie van het bedrijf én het product.” De bedrijfsarchieven geven een overzicht van prijswinnaars vanaf 1986. “Toen wonnen we de Gouden Bolbloem met narcis ‘New Generation’, Fritillaria ‘Persica’ en tulp ‘Valentine Delight’.” Over hoe het daarmee is afgelopen, vertellen ze: “Narcis ‘New Generation’ bestaat niet meer, Fritillaria ‘Persica’ wordt nog steeds geteeld. Het is een exclusief bijzonder bolgewas met aantrekkelijke marges.” De recensies voor tulp ‘Valentine Delight’ zijn minder positief: “Die is flink in het zuur gelopen.” GROTE EER De meest recente winst dateert van 2016, met tulp ‘Milkshake’, Fritillaria ‘Mi- chailowski’ en narcis 00-199. “De narcis heeft nog steeds geen naam en van ‘Mi- chailowski’ telen we nu een kleine hecta- re. Tulp ‘Milkshake’ is een vrij nieuw soort van Remarkable. Hiervan staat nu zo’n 24 hectare en hij verkoopt goed.” Door de jaren heen bleken de Gouden Bolbloem- winnaars niet allemaal even succesvol in de markt. “Af en toe springt er eentje uit. De soorten die in aanmerking komen voor de Gouden Bolbloem selecteren we niet op marktkansen, maar op winkansen. We besluiten op het laatste moment op basis van de uitmuntendheid van een soort.” De Gouden Bolbloem winnen ervaren ze als ‘mooie promotie’. “Er wordt over je geschreven, je ontvangt felicitaties, je naamsbekendheid groeit erdoor. Het is een grote eer.” Elk jaar bekijken ze opnieuw of ze meedoen aan De Lentetuin. “Het is veel werk en het kost nogal wat tijd, vooralsnog is dat het ons nog steeds waard.” Kwekerij W. van Lierop & Zn. B.V. won de Gouden Bolbloem tussen 1988 en 2017 maar liefst acht keer. “Wij zetten een breed sortiment in voor de show. Alles wat er goed bijstaat in de kas en voldoet aan onze eisen, nemen we mee naar de Lentetuin.” Over de winst zegt hij: “We gaan daardoor niet opeens met de neus omhoog lopen, maar het is wel een mooie waardering voor ons werk en sortiment.”

Een paar Gouden Bolbloem-winnaars liggen nog steeds goed in de markt, zoals de narcissen ‘Apricot World’, ‘Watch Up’ waarvan de vraag het aanbod overstijgt, en Muscari ‘Grape Ice’ die zowel voor de pot als voor de droogverkoop goed loopt. Ook tulp ‘Henny van der Most’ heeft zijn plaats veroverd in de broeierij en doet het goed in Oost-Europa. “Dat zijn soorten waarmee wij ons goed kunnen onderschei- den.” VERLIEFD OP Bloembollenkwekerij P.Th. Rotteveel & Zn. deed in 2019 voor de tweede keer mee aan de Lentetuin en ging direct met de Gou- den Bolbloem aan de haal. Pieter Rotteveel vertelt: “Ik wilde graag meedoen, maar ik had geen tijd om zelf te broeien en ik weet er te weinig van. Daarom heb ik het opgepakt samen met CNB-vertegenwoor- diger Jari Conijn. Hij heeft kennis van de broeierij en we zijn goede vrienden. Wij hebben de bollen geleverd en Jari heeft ze gebroeid.” Daarbij ging het om narcis ‘Marieke’, krokus ‘Jeanne d’Arc’ en tulp ‘Marie Jo’. De drie cultivars doen het goed in de markt, vertelt Rotteveel. “‘Marie Jo’ is een succes, er zijn weinig goede dubbele gele tulpen. In de broeierij zijn ze er gek op. Ze is altijd als eerste uitverkocht in ons assortiment. Wij telen er nu zo’n 2,5 hectare van.” Narcis ‘Marieke’ levert Rot- teveel aan een grote broeier in de Verenig- de Staten. “Hij is er elke keer weer verliefd op.” Over krokus ‘Jeanne d’Arc’: “Een mooi ding, vooral geschikt voor tuinen en parken. We telen er 2 hectare van en de verkoop loopt goed.” De winst van de Gou- den Bolbloem leverde ‘een hoop aandacht’

op. “Iedereen feliciteert je, het was fantas- tisch. Mijn vader en oom sprongen een gat in de lucht bij de prijsuitreiking. We doen er niet meer handel door, maar we hebben wel onze naam op de kaart gezet.” In 2020 doen hij en Jari weer mee. Lachend: “Als je eenmaal bloed hebt geproefd, wil je altijd meer.” Over de voorspellende waarde van de Gouden Bolbloem zegt hij: “Het is vooral een momentopname. Op de lange duur blijkt of soorten echt goed scoren. Ze moeten zich bewijzen in de markt.”

14 februari 2020

Meelébo was in 2018 de winnaar van de Gouden Bolbloem.

17

14 februari 2020

Hans Tesselaar, bedrijfsadviseur bloembollen bij Flynth, zette de leliesector een kolossale spiegel voor. Bedoeld om het besef ‘op de juiste plek te krijgen’.

Wederom halen leliebollenkwekers dit jaar geen goed inkomen, zo is de verwachting. Bezoekers van de Leliemiddag in Andijk kregen dan ook geen positief verhaal te horen. Verre van dat zelfs. Hans Tesselaar, bedrijfsadviseur bloembollen bij Flynth, hield kwekers, veredelaars en tussenhandel een spiegel voor. Dat kan confronterend en moeilijk zijn als je écht wilt kijken. Onstuimige tijden

Tekst: Ellis Langen | Fotografie: René Faas

“H et is tobben in de lelie- teelt”, zo verwoordde Wijnand van der Kooij, voorzitter van die dag en zelf exporteur en kweker van De Jong Lelies in Andijk meermaals. Naar de bijeenkomst in Andijk waren zo’n honderd mensen gekomen, een gemêleerd gezelschap van onder andere kwekers, veredeling, tussenhandel en exporteurs. Van der Kooij had namens de Lelievereni- ging West-Friesland een ‘zorgenlijst’. Hij riep op voort te maken met het digitaal melden van leveringen in het ketenregis- ter. Ook zijn kwekers te weinig bereid met elkaar samen te werken ‘omdat zij zich dan geen ondernemer meer voelen’. “Maar door het delen van kennis, technologie, productie en afzet kan een betere mar-

ge behaald worden.” Hij refereerde aan voorlopers op dit vlak: 29 tomatentelers verenigt in Prominent en vleesproducen- ten in Bief Select. Ook in de lelies zijn er al voorbeelden, maar er liggen veel meer mogelijkheden. De oproep tot 20 procent krimp die de voorzitter vorig jaar nog deed, werd bij lange na niet gerealiseerd. Dat zou bijna 900 hectare moeten zijn, maar de afname bleef in 2019 steken op 190 hectare. Hij zette vraagtekens bij de keuzes die daarin zijn gemaakt. “De krimp zat voor 160 hectare in de LA’s, maar de nood was hoger in OT’s en Oriëntals.” BLADTOETS GEBRUIKEN BIJ PLANTEN Er volgden nog twee onderwerpen waarbij de voorzitter zijn hart vasthoudt. De gevolgen voor de export door het corona-

virus. Dat is iets waar de sector weinig vat op heeft. Die vlieger gaat niet op voor het LMoV-virus dat via de bladtoetsen schrik- barende cijfers laat zien, al moet de BKD nog met de resultaten komen. Veel partijen hebben met de veldkeuring klasse 1 gekre- gen omdat de bladtoets geen eindkeuring is. In de aardappelsector werkt dat wel zo. De pootaardappelsector werd in 2018 en 2019 geconfronteerd met ongekende percentages declasseringen. Bij hen speelde het Y-virus parten, een virus dat ook door luizen wordt overgebracht. Van der Kooij benadrukte dat lelie-exporteurs met de uitslagen van de bladtoetsen in het achter- hoofd zeer ongerust zijn over wat klanten bij de afbroei boven het hoofd hangt. “De export heeft er tot nu toe op gehamerd dat de bladtoets geen eindkeuring mag

18

14 februari 2020

14 februari 2020 vaak de oplossingen te vinden. Resumé mensen: de mindset moet echt om.” Oplossingen ziet Tesselaar in onder andere veel meer onderlinge samenwerking en dat in elke schakel van de keten. “Kijk daarbij eens naar andere sectoren, want daar zijn Lelieteler Wim Hulsebosch haakte daarop in: CNB, medeorganisator van de lelie- middag, moet stoppen met voorschotten geven, want zo wordt de slechte situatie in stand gehouden en vallen er geen kwekers af. Tesselaar zei daarop: “Tijdelijk elkaar helpen is geen probleem, maar het moet niet structureel worden.” CNB-directeur Leo van Leeuwen gaf aan dat ze af en toe klanten een voorschot geeft. Hij blijft klanten daarmee helpen, mits het inciden- teel is. Hij haalde ook het ontstaan van BVS aan waarbij leliekwekers gezamen- lijk verkopen waardoor ze meer de regie pakken in de afzet. “Door BVS kunnen we het aanbod beter af gaan stemmen op de marktvraag. Dat maakt dat we grotere stappen kunnen gaan zetten.” Hij doelt hiermee op een stabielere en uiteindelijk ook een hogere prijs. AANPASSEN Tesselaar ging verder nog uitgebreid in op het veranderende financiële landschap bij de banken. Ook dit maakt dat kwekers snel en veel beter naar de kostprijs van hun cultivars moeten gaan kijken. “Jullie zitten nu nog te veel in de ‘oude modus’, terwijl de ‘Bazelse akkoorden’ leidend zijn geworden in de hedendaagse financiering.” In 2022 wordt er gehandeld naar het Bazel 4-akkoord dat nóg strengere kapitaaleisen aan banken stelt, waardoor ze nog meer naar de risico’s kijken die ze lopen bij kre- dietverstrekking. “Twee jaar achtereen een negatieve kasstroom en je gaat naar bijzon- der beheer.” Ook hier was de boodschap dat kwekers voort moeten maken zich aan te passen aan de ‘nieuwe werkelijkheid’ en dat ze te weinig weten wat de werkelijke kostprijs is. Hij verweet ze dat overigens niet. “Maar we maken elkaar op dit gebied ook niet wijzer. En als we elkaar niet wijzer maken, worden we ook niet slimmer en beter.”

“Plant geen zieke bollen en zeker niet te veel rommel”, adviseert voorzitter Wijnand van der Kooij.

worden. Echter, dan moet die uitslag door kwekers wel worden gebruikt bij het plan- ten dit voorjaar; plant geen zieke bollen en ‘zeker niet te veel rommel’. Kunnen kwekers die verantwoording niet aan, dan moet de bladtoets een belangrij- kere rol gaan spelen”, waarschuwde hij. Teelt, export en BKD kijken alvast naar een ‘gedegen systeem’. Van der Kooij: “Op fyto-gebied loopt het paard al achter de wagen, maar ik ben bang dat straks onder druk van het buitenland het paard er dood bij neervalt.” Na de opsomming van deze misère, kreeg hij wat lachers op de hand. Hij sloot zijn betoog af met ’ik wens u nog een plezierige en informatieve middag toe’. ZWAAR EN SCHEEF GEFINANCIERD Bedrijfsadviseur Hans Tesselaar begon zijn bijdrage door een kolossale spiegel voor de volle zaal te rijden. Bedoeld om het besef ‘op de juiste plek te krijgen’, gaf Tesselaar aan, die ook eerlijk toegaf het ‘vrij span- nend te vinden’ om zijn scherpe analyse los te laten op de zaal. Er volgde een opmer- king die tekenend is voor de situatie in de leliesector. “Zet die spiegel daar maar”, wijzend op andere aanwezigen. In een artikel in Greenity vorig voorjaar wees Tesselaar kwekers al op pijnpunten: kwekers hebben te weinig besef van de kostprijs en het gaat al jaren de verkeerde kant op waardoor bedrijven steeds vaker zwaar en ‘scheef ’ gefinancierd zijn. “Vanaf 2007 draaien kwekers kijkend naar de opbrengsten en kosten per roe samen een kwart miljard verlies. Vergelijkbaar met

een kwart van de parkeeropbrengsten in Nederland.” De evolutietheorie zegt dat die bedrijven overleven die zich het beste aanpassen aan de veranderende omstandigheden. En dat doet de leliesector niet. Het gaat op vele fronten mis: inzicht in kostprijs ontbreekt, het uitgifte- en aankoopbeleid rammelt en partijen in de sector handelen niet in dienst van een gezamenlijk belang. “We gunnen elkaar het verlies niet eens. Hoe kun je dan ooit de winst delen.” Het valt Tesselaar op dat steeds meer bedrijven heel pittig gefinancierd zijn. “Een gemiddeld bloembollenbedrijf is 70 tot 80 euro per roe gefinancierd en bij 100 euro per roe ben je overgefinancierd.” De financiële druk per leliebedrijf is sinds 2008-2010 ongelooflijk toegenomen. “Dat is grotendeels toe te schrijven aan de investe- ringen in cultivars.” Steeds meer bedrijven hebben moeite de financiering rond te krijgen, merkt de adviseur. Het groeiende probleem is dat een relatief groot deel van de financiering vanuit de rekening-courant wordt inge- vuld. Nu banken door strengere regels veel minder bereid zijn extra financierings- behoefte in te vullen door het krediet in de rekening-courant te verruimen, wordt het vaker ‘tricky’. Tot en met maart is de financiering vaak geregeld; zo rond deze tijd geeft de bank aan ‘of je verder mag of niet’. “Als die zegt ‘tot hier en niet verder’, proberen kwekers door een lastige periode heen te komen door rekeningen later te betalen en eigen centen eerder te innen.”

19

14 februari 2020

Page 1 Page 2 Page 3 Page 4 Page 5 Page 6 Page 7 Page 8 Page 9 Page 10 Page 11 Page 12 Page 13 Page 14 Page 15 Page 16 Page 17 Page 18 Page 19 Page 20 Page 21 Page 22 Page 23 Page 24 Page 25 Page 26 Page 27 Page 28 Page 29 Page 30 Page 31 Page 32 Page 33 Page 34 Page 35 Page 36 Page 37 Page 38 Page 39 Page 40 Page 41 Page 42 Page 43 Page 44 Page 45 Page 46 Page 47 Page 48 Page 49 Page 50 Page 51 Page 52 Page 53 Page 54 Page 55 Page 56 Page 57 Page 58 Page 59 Page 60

Made with FlippingBook - professional solution for displaying marketing and sales documents online