Greenity 60

T E E LTA D V I E S

spuiten met bovengenoemd middelen. Tulp

twee werkzame stoffen gebruik wordt gemaakt. • Als specif iek middel heeft u de keuze uit onder meer Kenbyo FL, Flint, Frupi- ca, Rudis of Folicur. Gebruik voor een bescherming van zeven dagen 0,4 l Ken- byo FL, 0,25 kg Flint, 0,3 l Luna Sensati- on, 0,25-0,4 l Rudis,0,32 l Folicur SC of 0,35 l Frupica (Fireblocker, Bombero).

Hyacint

Virus Viruszieke planten kunnen gezonde plan- ten ziek maken door overdracht via lui- zen. Naast blad of steelverkleuring is er ook sprake van een behoorlijke opbrengst- vermindering door deze ziekte. Zieke plan- ten groeien 10-15% minder dan gezon- de planten. Voor een goede oogst is een gezond gewas noodzakelijk. Gebruik daar- om zo gezond mogelijk uitgangsmateri- aal en selecteer het opgeplante materiaal nauwkeurig. Plant uw gezonde bollen niet in de buurt van aangetaste partijen. Vlie- gende luizen kunnen het virus gemakkelijk 10 meter verder overbrengen. Verwijder de zieke planten zo vroeg mogelijk in het sei- zoen en zorg dat de luizen de zieke planten niet kunnen aanprikken. Begin met spui- ten tegen virusverspreiding wanneer van- af half april warme dagen verwacht wor- den en ga door met spuiten zolang er nog groene planten staan of tot tien dagen voor het rooien.

Gladiool

Grondontsmetting De voorwaarden voor het toepassen van Monam zijn aangepast (onder andere minstens veertien dagen afdekplicht met niet-doorlaatbaar plastic, maximaal 5 ha te behandelen areaal per strook, minimaal 30 m bufferzone tussen behandelde stro- ken en/of kadastrale grens woningen). Het gevolg van deze voorwaarden is dat natte grondontsmetting voor de praktijk duurder is geworden en minder makkelijk uitvoer- baar meer is. Werking onder andere: • Redelijk tegen droogrot. • Matig tegen ratelvirus. • Redelijk tegen kurkstip. • Nevenwerking tegen zaadonkruiden. Toepassing: • Grondtemperatuur minimaal 7°C, bij voorkeur 10°C tot 15°C op redelijke dro- ge grond. • Onder natte omstandigheden valt het effect tegen. • In de praktijk wordt metam-natrium vaak ingespit. Bij een voorjaarstoepassing heeft dit de voorkeur.

Vuurbestrijding De sporen van vuur (Botrytis tulipae) ver- spreiden zich al vroeg in het voorjaar door de lucht. Onder vochtige omstandigheden kunnen ze onbeschermde tulpenplanten al vanaf opkomst aantasten. Als vuistregel geldt dat bij een bladlengte van ongeveer 5 cm begonnen wordt met de eerste bespui- ting tegen vuur. Voorkomen en bestrijden • Bespuitingen tegen grondvuur hebben geen nut op percelen waar al langer dan twee jaar geen tulpen hebben gestaan. • Voorkom een vuuraantasting door ste- kers in het perceel en opslag van tulpen op percelen in de buurt kort na opkomst te verwijderen. • Als u veel last heeft van stekers moet u het gewas wekelijks beschermen met een vuurbestrijdingsmiddel. Omdat u geen infectiekans mag missen, moet u weke- lijks spuiten. • Spuit af hankelijk van de groei en de weersomstandigheden. Alleen als het blad nat is, kan Botrytis de plant infecte- ren. Zorg dus dat u voor een regenachtige periode spuit. Een vuurwaarschuwings- systeem is hierbij een belangrijk hulp- middel. • Door hagel of nachtvorst ontstaan er invalspoorten voor de vuurschimmel, een bespuiting is dan noodzakelijk. • Beperk het aantal middelen tot een basis- middel met een ander sterk middel om hoge infectiekansen het hoofd te bieden. • Spuit als basismiddel: 2 kg of 3 liter man- cozeb of 1 kg Solofol per hectare voor een beschermingsduur van zeven dagen. Mancozeb is in de Zuidelijke bloembol- lenstreek niet toegelaten. Solofol mag alleen tweemaal toegepast worden tot 25% bladbedekking is bereikt. • Er zijn combinatiemiddelen voorhanden zoals Palladium, Collis, Spirit, Phantom, Luna Experience en Sensation. Een basis- middel is dan niet nodig omdat al van

Narcis

Vuurbestrijding Voer tegen bladvlekkenziekte, Engels vuur en smeul te velde enkele bespuitingen uit. De bestrijding van Stagonosporopsis is een aandachtspunt na het wegvallen van mid- delen als Allure. Deze schimmel is vooral vroeg in het voorjaar actief. De volgende bespuitingen hebben mogelijk een wer- king: 0,55 kg Folicur WG, 0,32 l Folicur SC, 0,6 l Luna Experience of 0,4 l Rudis per hec- tare. Let op: spuitfrequentie Folicur WG, Folicur SC en Luna Experience maximaal één keer per seizoen. Spuit kort voor de bloei, tijdens de bloei en kort na de bloei. Gebruik genoemde middelen in combina- tie met een basismiddel als mancozeb. In de Duin- en Bollenstreek heeft mancozeb geen toelating. Combineer bovengenoemde middelen dan met 0,5 kg Palladium of 1 l Solofol per hectare. Solofol heeft een aan- tal restricties: • Om zoogdieren te beschermen is toe- passing in de teelt van bloembollen en bloemknollen uitsluitend toegestaan voordat een bodembedekking van maxi- maal 25% is bereikt. • In de teelt van bloembollen en bloem- knollen zijn maximaal twee toepassingen toegestaan. Spuit de gevoelige cultivars ook na de bloei, afhankelijk van de weersomstandigheden. Spuit dan in een blok van drie bespuitin- gen met bijvoorbeeld 0,3 liter Luna Sensa- tion. Spuit dit middel gecombineerd met mancozeb (uitzondering is de Duin- en Bollenstreek) of 0,5 kg Palladium per hec- tare. Engels vuur is alleen preventief te bestrijden. Bij risico’s op een aantasting van Engels vuur na de bloei, bijvoorbeeld bij een periode van warm, vochtig weer en zeker voor het strijken, één à twee keer

Dosering: • 300 l/ha.

De middelen werken het gunstigst in zaai- klare, goed aangerolde grond. Er mogen geen harde lagen of kluiten in voorkomen. Een algemene regel is dat de grond bij een grondtemperatuur van 10°C of hoger 8-10 dagen na ontsmetting kan worden bewerkt om de nog resterende gassen te laten ont- wijken. Bij een bodemtemperatuur lager dan 10°C is het beter deze grondbehande- ling tot minimaal drie weken na de ont- smetting uit te stellen. Na het injecteren is voor akkerbouwgrond geen aparte grond- behandeling tegen bodeminsecten nood- zakelijk. Bij gescheurd grasland is dit wel noodzakelijk. Een grondontsmetting moet van tevoren via mijnrvo.nl gemeld worden. Een tuinkersproef is noodzakelijk om vast te stellen of het middel uit de grond is.

Dahlia Zwarte bladtoppen en ruwe stek

Onder te vochtige omstandigheden in de oplegruimte kan de groei van de stekken stagneren en krijgen de stekken zwar- te bladtoppen of worden ruw. Bij zwarte bladtoppen worden de topjes van de blade-

56

14 februari 2020

Made with FlippingBook - professional solution for displaying marketing and sales documents online