Greenity 67

voudiger toelatingsbeleid na, maar de organisaties willen voorkomen dat de sector ten prooi valt aan avonturiers die middelen aan de man brengen die veel kosten, niets presteren en mogelijk onge- wenste stoffen bevatten. Dat kost geld en komt het vertrouwen in groene midde- len niet ten goede. Momenteel is nog maar circa 2 procent van de gebruikte middelen groen. De KAVB wil wel graag de vergroening van het middelenpakket door laten gaan. Een normale toelatings- procedure zou goedkoper moeten worden en eenvoudiger, al is daar juist vanwege de bemoeienis van 26 landen die niet allemaal over evenveel kennis beschikken nog weinig zicht op. Er blijkt veel angst te zijn voor de onbekende stoffen. Onder de huidige omstandigheden hoeft bijvoor- beeld ook geen fabrikant met een virus als natuurlijke bestrijder aan te komen. Iedere extra vraag over een middel aan een fabrikant kost weer een miljoen. De groentesector is ons weer voor. Mooi, schoon en goedkoop moet het zijn. En snel, voegt KAVB daaraan toe. Er komen namelijk nog nauwelijks nieuwe chemische stoffen op de markt en naar verwachting verdwijnt 35 tot 40 procent van de huidige stoffen van de plank. Daar moeten groene middelen voor in de plaats komen, ook al zijn die misschien minder krachtig en is het wellicht nodig meer behandelingen uit te voeren. Er wordt na- drukkelijk naar de groenteteelt gekeken, waar ze op dit gebied zo’n vijftien jaar op de bollensector voorlopen. Daar wordt al een tijdje gewerkt aan de weerbare bodem en resistente rassen. Ook wordt in de praktijk gewerkt met een mix van chemie en groene middelen, waarbij eerst chemie wordt gebruikt om in de rest van het seizoen groene middelen toe te passen. Op die manier worden de strenge, door de supermarkten gestelde residu-eisen niet overschreden. Voordeel voor de groente- sector is dat een omblad van bijvoorbeeld een kool wel een vlekje mag vertonen. Voor sierteeltproducten is dat uit den boze. Binnen de sierteeltsector worden ook kanttekeningen geplaatst voor de teelt van

22 mei 2020 daarvan. Het opzetten van een weer- baar systeem kost tijd en daarom wordt geprobeerd de Nederlandse overheid en de telers enthousiast te maken. Misschien. Elk land mag zelf een wet in- voeren die de toelating voor biostimulan- ten regelt. Belangenorganisaties voor de verschillende agrarische sectoren en van de producenten sturen daarop aan, want de middelen worden gezien als essentieel onderdeel van een weerbaar systeem van bodem en gewas. Artemis staat evenals de KAVB in de startblokken om proeven te beginnen in onder meer de bloembollen- sector. De middelen worden niet gezien als dé oplossing, maar wel als een deel zijn, maar de vraag is of die deadline haalbaar is. Pas als de normen voor de biostimulanten er zijn, kunnen de mid- delen voor toelating worden aangemeld. Voordeel is wel dat de toelating meteen voor heel Europa geldt als de toelating er eenmaal is. Dat duurt een eeuwigheid. Is er geen uitweg uit de impasse? gevoelige rassen of de soms strenge lan- deneisen voor de export. De vraag is of de markt en het scala aan rassen tegen iedere prijs behouden moet blijven, omdat de verwachting is dat met groene middelen niet hetzelfde resultaat is te bereiken als met chemie. Haast is geboden, aangezien per 2030 schoner geteeld moet worden. Dat is in iedere geval de afspraak met de overheid. Om die deadline te halen, moeten groene middelen makkelijker op de markt komen. En hoe zit het met de biostimulanten? Daar is in 2019 wetgeving voor aange- nomen, maar die schiet nog tekort. Er worden maar vier productgroepen op basis van micro-organismen in benoemd, terwijl er veel meer zijn. Zo vallen straks veel biostimulanten buiten de boot. Dan missen er nog normen voor de toelating van de biostimulanten, waarmee te toetsen is of een middel werkt en of het veilig is. Dat moet de Europese Norme- rings Autoriteit regelen, op basis van de informatie van de nationale normerings- autoriteiten. In 2022 moet dat geregeld

Dit artikel is tot stand gekomen op basis van informatie van het Ctgb, de KAVB en Artemis.

verder. Ter illustratie, het kost tussen de 1 en 10 miljoen om zo’n biologisch middel te ontwikkelen. Voor chemische midde- len gaat het om 100 tot 200 miljoen aan ontwikkelkosten. Producenten van groene middelen zijn gebaat bij een eenvoudig toelatingsbe- leid, om het mogelijk te maken de kosten terug te verdienen in een kleine sector als de bloembollen. KAVB en Artemis streven wel een een-

39

22 mei 2020

Made with FlippingBook - Online catalogs