Greenity14

VA S T E P L A N T E N

Vlezige wortels, stevige pollen

Tekst: Emiel van den Berg | Fotografie: Visions

Hovenier Arjan Fokker, aangesloten bij Dutch Quality Gardens, kiest graag een afwisselende beplanting, maar merkt de invloeden van trends. Hij vindt het jammer dat een plant als Doronicum orientale daardoor naar de ach- tergrond is verdwenen. ”Ik word juist blij als ik in het voorjaar rondrij en dan in een ouderwets voortuintje, waar al jaren niets is veranderd, deze voorjaarszonne- bloem zie schitteren.” Hij herinnert zich Doronicum als een van de eerste planten die hij op school moest leren. “Makkelijk te onthouden omdat hij veelvuldig in mijn va- ders bloementuintje voorkwam, waarschijnlijk omdat hij hem mooi vond én omdat hij makkelijk te scheuren is.” De Naamlijst van Vaste Planten van de Naktuinbouw maakt melding van acht soorten. De meeste zijn onbe- kend, de genoemde D. orientale is de enige die op redelij- ke schaal gekweekt wordt. Hier en daar is D. pardalian- ches verkrijgbaar. De soortnaam van D. orientale is een verbastering van het Latijnse ‘oriens’ en verwijst naar het (zuid)oostelijk deel van Europa waar de plant inheems is. Daar groeit hij in bossen en onder kreupelhout, op plaatsen waar het in de zomer droog is. Met zijn vlezige wortels vormt hij stevige pollen, waaruit vanaf maart hel- dergele bloemen verschijnen. “Mijn lievelingskleur. Geel staat voor zonnig, een goed humeur, blijheid en voorjaar.” GEEL WAS ‘NOT DONE’ Dat de plant eind vorige eeuw naar de achtergrond ver- dween, kwam vooral doordat geel een kleur werd die ‘not done’ was. “Daarom gebruik ik hem slechts weinig. Ik krijg nog vaak het verzoek om de kleuren wit, blauw en roze te gebruiken, met liefst niet te veel rood en geel. En wanneer ik probeer uit te leggen dat geel na de winter juist een lust voor het oog is, dat je juist blij wordt van geel, wordt me toch vaak de mond gesnoerd.” Geel lijkt tegenwoordig echter voorzichtig weer wat terug te ko- men. In de momenteel populaire prairietuinen staan gere- geld geelbloeiende Hemerocallis, Rudbeckia en Helenium. “Er begint gelukkig een kentering komen.” De bloemen van D. orientale zijn tot 5 cm in doorsnede en verschijnen bovenaan stengels die tot 30-40 cm hoogte ko- men. Aan die met klierharen bezette stengels staan vaak ook een of twee stengelbladeren die, net als al het andere blad, eirond tot hartvormig zijn. “Eerlijkheidshalve denk ik dat ik deze Doronicum ook weinig gebruik omdat er na de bloei niet veel meer van dat blad overblijft. De plant trekt zich al vanaf eind juni terug. En de hedendaagse tuinbezitter wil liefst weinig onderhoud, ofwel een ge- sloten aanplant.” Arjan combineert daarom met planten die zich pas laat in het voorjaar ontwikkelen. “Denk aan Pennisetum alopecuroides, Aster lateriflorus ‘Horizonta- lis’ of Anemone ‘Honorine Jobert’.”

Soort: Doronicum orientale Familie: Asteraceae Groeivorm: polvormig Bloem: helder geel Blad: vroeg afstervend Extra: rijke voorjaarsbloei 10 mei 2018 10 mei 2018 10 mei 2018

53

10 mei 2018

Made with FlippingBook - Online Brochure Maker