Greenity 65

Bij Dogterom Flowerbulbs in Oude-Tonge worden vloeibare meststoffen via een fertigatiesysteem aan het tulpengewas gegeven.

steekproefsgewijs 45 stelen van elke partij en deed metingen aan lengte en gewicht. Alle takken waren op 37 cm afgesneden. Voorafgaand aan dit snijden was er wel een klein verschil te zien: de stelen uit de referentie waren ietsje langer, ongeveer 2 cm, dan de bollen die mét fertigatie geteeld waren, en kwamen gemiddeld uit op 47 cm. “Dat kan komen doordat die kant iets meer zon kreeg. Daar leek het op, want deze tulpen waren ook iets meer op kleur.” De stelen uit de bollen met fertigatie waren vrijwel even lang. Bij het gewicht waren er geen significan- te verschillen tussen de drie objecten in de broeierij, dat lag rond 22 en 23 gram. Raymond Maliepaard van Malieflower noemt de resultaten zeker interessant. Maar voordat hij als tulpenkweker zelf met fertigatie aan de slag zou gaan, moet dit langer en op grotere schaal worden beproefd. “Maar je moet klein beginnen met een proef, dat snap ik.” DUURZAAMHEIDSSLAG Van Iperen zegt over de uitslag van de bloeiproef dat dit wellicht een klein resultaat lijkt, maar noemt het toch een kleine revolutie. “Dit betekent dat je met een derde minder stikstof prima tulpen kunt broeien”, zegt projectleider Conno van Dam. Zijn bedrijf rekent nog aan de kostenkant van twee derde N-gift geven met druppelslangen. Die zitten vooral in het fertigatiesysteem, alleen ontbreken daar nu nog de juiste kostenposten voor,

zoals extra arbeid voor aanleg en ophalen van de druppelslangen. “De kosten hier- van hangen sterk af van de mate waarin dit proces gemechaniseerd kan en gaat worden.” Voor het kostenplaatje is de N-reductie nauwelijks interessant, want N is een goedkope meststof. Minder stikstof geven via druppelirrigatie betekent wel een flin- ke duurzaamheidsslag. Er spoelt minder uit, dus wordt de meststof efficiënter ingezet en ook wordt stikstof beter opge- nomen door de plant. Dit laatste kan een gunstig effect hebben op de gevoeligheid van een tulpengewas voor ziekten en pla- gen. Van Dam: “Dit moet nog wel grondig worden onderzocht. Maar het zou wel eens cruciaal kunnen zijn voor het behoud van teelten om met minder afhankelijk- heid van chemie te kunnen telen.” Het kunnen verdelen en variëren van de stikstofgift laat volgens hem ook zien dat er met andere voedingselementen gevari- eerd en gestuurd kan worden en dit biedt verdere mogelijkheden voor optimalisatie. De investeringen in druppelslangen en fertigatie bij de teelt van tulpenbollen kunnen volgens Van Dam op twee manie- ren worden terugverdiend. “Ten eerste de meeropbrengst in gewicht, dus dikkere bollen, en ten tweede de meeropbrengst in aantallen door dichter te kunnen plan- ten.” Dit laatste wordt dit teeltseizoen onderzocht bij Dogterom Flowerbulbs, waar weer een fertigatieproef loopt (zie kader).

Proeven bij Dogterom en Proeftuin Zwaagdijk

Bij Dogterom Flowerbulbs in Oude-Tonge loopt dit seizoen weer een fertigatieproef in tulp met ‘Jan Seignette’. Daar worden op 3,5 hectare druppelslangen gebruikt en ligt een referentie van 4 hectare. Er zijn hier drie plantdichtheden geplant in de proef: 240, 260 en 280 stuks per meter. De stikstofgift is overal gelijk: 200 kilogram N. Dezelfde vergelijking wordt ook uitgevoerd bij Proeftuin Zwaagdijk, maar dan op een proefveld. Daar wordt naast ‘Jan Seignette’ ook gekeken naar de cultivars ‘Strong Gold’ en ‘Leen van der Mark’.

24 april 2020

37

24 april 2020

Made with FlippingBook Publishing Software