Greenity 82

VA N D E R E D A C T I E

Ondanks corona gemiddelde inkomen op niveau Bloembollen- en snijbloementelers hebben ondanks corona dit jaar een heel redelijk inkomen behaald. Volgens Wageningen Economic Research komt het inkomen van een bollenkweker maar 10.000 euro lager uit dan in 2019. Voor snijbloementelers wordt het inkomen wel aanmerkelijk la- ger geraamd. De inkomensverschillen tussen bedrijven zijn echter groot.

Beter luisteren

Dit blijkt uit de voorlopige inkomens- raming. De onderzoekers maken daarin verschil tussen inkomen uit het bedrijf en het inkomen per onder- nemer. Het gemiddelde inkomen uit bedrijf is bij bollenkwekers 173.000 euro, de voorgaande drie jaren lag dat zo’n 15.000 euro hoger. Gemiddeld per ondernemer bedraagt het geraam- de inkomen 105.000 euro, zo’n 10.000 euro minder dan 2019. Voor een kwe- ker van snijbloemen onder glas is het gemiddelde inkomen met 54.000 euro gedaald tot 122.000 euro. Dat het gemiddelde inkomen uit be- drijf van een bloembollenbedrijf nog goed is, is vooral te danken aan de over het algemeen prima prijsvorming van de bollen. Dat het toch 15.000 euro la- ger uitpakt, komt door de malaise op de leliemarkt. De financiële opbreng- sten per bollenbedrijf liggen op ruim 1,30 miljoen euro. De lichte daling ten opzichte van 2019 komt door een iets lagere productie en een lager prijspeil, ook vooral weer door de misère op de leliemarkt. Dankzij de gematigde tul- penbollenoogst zijn geen grote over-

schotten in de markt ontstaan en lij- ken de prijzen slechts procenten lager uit te komen dan vorig seizoen. Bij lelie en gladiool, waar het areaal met ruim 10 procent daalde, zijn de prijzen verge- lijkbaar met 2019. De rentabiliteit van bloembollenbedrijven daalde ietsje, maar is met 105 nog steeds goed en ligt voor het negende jaar op rij hoger dan 100%. Dit is een gemiddelde en geldt waarschijnlijk niet voor bijvoorbeeld gespecialiseerde leliebedrijven. SNIJBLOEMEN De opbrengst van snijbloemenbedrij- ven lag gemiddeld 6 procent lager. Dit komt door de afzetdip na corona. Het grootste aandeel in die dip heb- ben chrysant (21%), tulp (15%) en roos (13%). Aangenomen dat het to- tale areaal gelijk is gebleven in 2020, komt de opbrengst ten opzichte van 2019 voor tulpenbroeiers uit op 85%, voor narcis is die 90%, hyacint 85%, iris 92%, gladiool 108%, fresia 91% en lelie 100%. De rentabiliteit daalde van 110 naar 105. Een rentabiliteit van 105 betekent dat elke geïnvesteerde euro 5 cent winst oplevert.

Ellis Langen — Redacteur e.langen@greenity.nl

De BKD publiceert begin elk jaar een overzicht van de in Nederland geteelde oppervlakte tul- penbollen, uitgesplitst naar groep en cultivar. Nadat ik een artikel schreef over het geplante areaal dit najaar, snap ik ineens heel goed waar- om iedereen hier reikhalzend naar uitkijkt. Het gevoel bekroop me dat het eigenlijk geen doen is. De een zegt dit, de ander dat. Bij ver- schillende mensen kwamen zelfs tegenstrijdig- heden uit de mond. Dat bracht me echt aan het wankelen. Vragen zoals ‘Proberen ze twijfel te zaaien of mij om de tuin te leiden?’ en ‘Wie heeft hier eigenlijk welke belangen?’ speelden door mijn hoofd. Dat er belangen meespelen, is wel duidelijk en die zijn dit gekke jaar wellicht nog groter dan normaal. Zal het areaal wel krimpen zoals velen toch aangeven? Want vooral in de droogverkoop, maar ook in de tulpenafzet, valt de schade achteraf gezien - uitzonderingen daargelaten natuurlijk - toch wel mee? Bovendien heeft de sector de afgelopen jaren over het alge- meen goed geboerd en maakte groei door, zo blijkt uit de cijfers van Wageningen Economic Research. Daar kun je toch wel even op teren. Zo’n inkomensraming blijft natuurlijk een ge- middelde en dat kan veel verhullen. Dat gaat zeker op voor deze sector, waarin sommige bedrijven vrijwel de hele keten in handen heb- ben. Bovendien is in het assortiment vaak maar langzaam te schuiven en zijn de afzetmarkten specifiek. Iemand zei hierover: ‘Ondernemers zijn al generaties lang gewend om te gaan met pieken en dalen, met veranderingen. Dus uit koers raken, doen ze niet zo snel.’ De waarheid is denk ik dat weinigen een goed totaaloverzicht kúnnen hebben van het tulpe- nareaal, want niemand hangt in deze sector graag zijn zaken aan de grote klok. Ik snap nu een stukje beter waarom een van mijn collega’s zo zijn reserves had over de insteek van dit ver- haal. Had ik daar naar moeten luisteren?

Bloembollenbedrijven

2017 2018 2019 (v) 2020 (r)

inkomen uit bedrijf per bedrijf

189

186

189

173

inkomen uit bedrijf per onbetaalde aje

107

113

115

105

Rentabiliteit

107

106

108

105

Glastuinbouw: snijbloemenbedrijven 2017 2018 2019 (v) 2020 (r) inkomen uit bedrijf per bedrijf 224 210 277 193 inkomen uit bedrijf per onbetaalde aje 141 136 176 122 Rentabiliteit 110 108 110 105

Inkomen in € x 1.000; aje = arbeidsjaareenheid; v = voorlopig; r = raming, Bron: Bedrijveninformatienet Wageningen Economic Research

4

18 december 2020

Made with FlippingBook - Online catalogs