Greenity 82

VA S T E P L A N T E N – B O L L E N – K NO L L E N – B L O E M E N – A L G E M E E N

bodem te realiseren. Kijk op het grondmon- ster hoe hoog de pH is om de gewenste kalk- gift te bepalen. Optimaal voor de meeste vas- te planten is een pH tussen 5,0 en 6,5. Dit kan per grondsoort en per gewas iets verschillen. Het effect van bekalken op de bezetting van de CEC met Ca, Mg en K kan een rol spelen bij de keuze voor een meststof. Hebben de per- celen een lage magnesiumtoestand, dan kan worden bekalkt met een magnesiumhouden- de kalkmeststof.

vooral bij de kleinere maten en pitten met een matige huid. Voor een gelijkmatige tem- peratuur en luchtvochtigheid is een regelma- tige luchtcirculatie in de cel nodig. Vergeet niet ook bij pitten regelmatig een behandeling tegen trips uit te voeren. Bewaar de kralen vanaf het rooien tot aan de warmwaterbehandeling (wwb) bij 20-25°C. Van belang is een regelmatige luchtbeweging in de bewaarruimte aan te houden. Voer de wwb drie tot vier maanden na het rooien uit om geen schade te ondervinden. Na de wwb is snel afkoelen en drogen van groot belang. Houd de temperatuur daarna op 9-10°C.

Dahlia

Bewaring oplegknollen Bewaar de oplegknollen tussen 7-9°C zonder geforceerde luchtbeweging. Een lagere tempe- ratuur bevordert het optreden van bruinrot. Bij hogere temperaturen drogen de knollen te veel in, waardoor ze in kwaliteit achteruitgaan.

Gladiool Warmwaterbehandeling kralen

Een warmwaterbehandeling (wwb) van kralen is een teeltmaatregel die niet achterwege kan blijven. Een wwb bestrijdt verschillende ziek- tes zoals Botrytis, droogrot, heksenbezemver- gelingsziekte en voor een deel Fusarium. De volgende maatregelen zijn belangrijk: • Bewaar de kralen vanaf het rooien tot de wwb constant bij 20-25°C. • De tijd tussen rooien en de wwb moet mini- maal zes weken zijn, maar bij voorkeur drie tot vier maanden. • Geef overjarige kralen in verband met scha- de geen wwb. • Kralen van knollen zijn gevoeliger voor scha- de door een wwb. • Grotere en slecht in de huid zittende kralen zijn gevoeliger voor een wwb. Fusarium E en wwb van een half uur bij 53°C bestrijdt Fusarium niet helemaal. Daarvoor is 57°C nodig, maar bij 57°C is er grote kans op ‘ver- koken’. Het is dus een hachelijke zaak om tegen Fusarium te koken. Het is beter ommet Fusarium besmette kralen niet aan te houden. Is dit wel het geval, geef ze dan als allerlaatste een wwb om besmetting van de gezonde par- tijen te voorkomen. Bewaring pitten en kralen Bewaar pitten na goed drogen en eventueel verwerken enkele weken bij 15-17°C en daar- na bij 9-10°C. Leverbare knollen en pitten kun- nen gerust bij elkaar in de cel staan. Houd de RV gedurende de bewaring op 70%. Een dro- gere bewaring heeft verstenen tot gevolg,

Hosta

Onkruidbestrijding Op percelen met Hosta werd in de winter- periode als het gewas volledig in rust is wel een bespuiting uitgevoerd met Chloor- IPC als bodemherbicide. De toelating van Chloor-IPC is echter vervallen. Als alterna- tief zijn er mogelijkheden met bodemher- biciden als Kerb, AZ 500 of Devrinol. Lees voordat het gebruik van nieuwe bodemher- biciden altijd goed het etiket en kijk naar het werkingspectrum. Ieder middel heeft zijn specifieke werking en werkt goed tegen bepaalde onkruiden en tegen andere onkrui- den juist niet of minder goed. Let verder op de dosering. Voor zandgronden geldt vaak een lagere dosering dan voor kleigronden of veengronden met meer organische stof. Nog geen ervaring? Doe altijd eerst een proefbe- spuiting.

Zantedeschia Bewaartemperatuur plantgoed

Nadat de knollen zijn gedroogd en geschoond, staan ze in gaasbakken of palletkisten in de cel. De (plafond)ventilatoren moeten conti- nu draaien. Een goede bewaartemperatuur is 13°C en een goede luchtvochtigheid is 70%. Als de spruiten later in de bewaring gaan uit- lopen, kan de temperatuur omlaag naar 9°C.

Narcis

Broeiafwijkingen Jaarlijks komen in de broeierij van narcissen diverse teeltproblemen voor, zoals bloemver- droging, bruinverkleuring van de spatha en te korte manchetten. Bloemverdroging is een verschijnsel dat ont- staat bij gebruik van een te kleine bolmaat, te vroeg rooien, te vroeg in de kas brengen, te hoge kastemperatuur, te weinig water of een te lage luchtvochtigheid tijdens de kasperiode. Het is te voorkomen door: • de bollen de juiste temperatuurbehandeling te geven; • het gewas in bloei te trekken bij een niet te hoge temperatuur; • te zorgen voor voldoende water en een hoge relatieve luchtvochtigheid. Bruinverkleuring van spatha gaat meestal gepaard met een ongelijke stand. Het wordt veroorzaakt door:

Lelie

Wortelonkruiden Voorkom dat plantgoed wordt besmet met wortelonkruiden die op het perceel voorkomen. Veel voorkomende onkrui- den waarvan de stukken wortels tussen het plantgoed blijven zitten, zijn kiek (gele akkerkers), akkermunt, kweek, zeebies en knolcyperus. Vooral de wortels van kiek en akkermunt zijn moeilijk te onderscheiden van leliewortels. Teel geen lelies op een per- ceel waar vier tot zes jaar daarvoor gladio- len hebben gestaan. De opslag van kralen is chemisch niet te bestrijden in lelies. Van partijen die met knolcyperus besmet zijn, moet het plantgoed worden vernietigd. Bestrijding: • Uitzoeken zal een partij besmet plantgoed nooit helemaal vrij van wortels van de onkruidenmaken. Houd deze partijen apart. • Voer een warmwaterbehandeling uit om kiek te bestrijden. Een deel van de wortels gaat dood. Het effect van een warmwaterbe- handeling op het overleven van kweekwor- tels en akkermunt is niet bekend. • Ruim besmet plantgoed op. Dit is een rigou- reuze oplossing, maar ook de beste. Opmerking: Door toepassing van de lelieshaver verdwijnen ook veel wortels van onkruiden.

18 december 2020

47

18 december 2020

Made with FlippingBook - Online catalogs