Greenity 74

28 augustus 2020

Noviteiten 10 Wat is er te zien op online Plantarium?

12 Franico blijft weg

van gebaande paden

28 Varb meer dan een clubje boomkwekers

38 IJzerzand om drainage voor schonere sloten

74

Rijksstraatweg 56a 2171 AM Sassenheim

tel: 0252-222580 info@helmus.nl www.helmus.nl

Spoelen voor kwekerij en exportschoon van alle bollen, knollen en (vaste) planten.

Warmwaterbehandelen (koken) met of zonder ECA water van o.a. Allium, Amaryllis, Crocus, Iris, Narcis, Tulp, Aconitum, Astilbe, Hosta, Pioen en vele andere produkten. Behandelingen voeren wij uit volgens richtlijnen van de BKD inclusief behandelingscertificaat en wij hebben veel ervaring met behandelingen ‘op maat’.

greenity-helmus 190305.indd 1

15-10-19 11:24

bbv-cremer 160918.indd 1

16-09-16 14:38

I NHO U D

12 Franico experimenteert erop los Broeierij en kwekerij Franico van de broers Frank en Nico Karsten wil graag vooruit en loopt daarbij liever niet over de gebaande paden.

16 Certificering moet Iedereen moet aan het certificaat. Zonder bewijs van duurzaamheid is er straks geen handel.

50 Onderzoek In narcis loopt onderzoek naar bestrijding van stengelaaltjes met hete lucht.

In dit nummer 10  Plantarium brengt KVBC Summer Challenge 12 Nico Karsten: ‘Ik wil wat

Vaste rubrieken 4  In de media 6  In gesprek Jeroen Noot 9  Column Hans Kleijwegt

betekenen voor de mensheid’ 16 Certificeren: moet het nou echt? 28 Varb breidt uit met bloembollen en vaste planten 32  Greenity Talks twee keer vanaf Plantarium 38  IJzerzand om drainage voor schonere sloten Bollenstreek

19  Tech&Mech 21  5 minuten

Jon Smakman

22  KAVB 26  Vakvenster 30  Anthos 34  CNB

Op de cover 10 Van deze roze Salvia Feathers Flamingo, is ook nog een paarse variant: de Salvia Feathers Peacock. Beide zijn inzendingen van de Summer Challenge die de KVCB houdt tijdens Planta- rium Digital Expo. Gouden me- daillewinnaars ontvangen een interactieve 360º-foto van hun nieuwigheid.

41  Stigastip 42  Hobaho 43  Vaste planten Salvia 45  Teeltverbetering 46  Teeltadvies 50 Het onderzoek van... Marc van der Niet

28 augustus 2020

3

28 augustus 2020

VA N D E R E D A C T I E VA N D E R E D A C T I E

In de media L EE S HE T LAAT S T E N I EUWS OP WWW.GREEN I T Y. NL

Amper effect beregeningsverbod

Onderzoek van onder andere het KNMI en Wageningen Universi- teit toont aan dat het nauwelijks uitmaakt of agrariërs overdag of ’s nachts beregenen. Lange tijd werd gedacht dat beregenen in de nachtelijke uren voor veel minder verdamping zou zorgen. Volgens de onderzoekers is er nauwel i jks sprake van min-

der waterverdamping wanneer ’s nachts grond en gewassen wor- den natgehouden ten opzichte van overdag. Een verbod op be- regenen tijdens bepaalde uren overdag lijkt dus weinig effectief. Voor LTO Noord is dit aanleiding met de waterschappen om tafel te gaan om te praten over de be- regeningsverboden.

Te huur

Lilian Braakman — Redacteur l.braakman@greenity.nl Labeltjes plakken

De kentekenplicht voor trekkers, en daarmee de apk-plicht, geldt per 1 januari 2021. Dat schrijft minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken in een brief aan de Tweede Kamer. De kentekenplicht en apk-plicht gaat gelden voor trekkers met een maximumconstructiesnelheid van meer dan 40 km/u. De implementatiedatum van de Richtlijn periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens stond aanvankelijk op 20 mei 2017. Daarvoor is Nederland is op de vingers getikt door de Europese Commissie. Door een wijziging in de Wegenverkeerswet, die op 20 mei 2020 is aangenomen, is het nu mogelijk om de Europese Richtlijn be- treffende de apk-plicht in te voeren. Het areaal bloembollen en -knollen is in 2018 gestegen tot 27.680 ha. Dat blijkt uit voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Deze stijging van 1.000 ha komt vrijwel geheel op het conto van tulp. dit gewas groeide van 13.410 ha vorig jaar naar 14.330 ha. Er is nog een opvallende stijging, maar dan in de vasteplantenteelt. Het areaal pioenroos verdubbelde bijna van 580 ha in 2017 tot 930 ha dit jaar. Het totale areaal vaste plante kende een lichte daling: van 1.550 a vorig jaar naar 1.470 ha nu. Het aantal bollenbedrijven bleef met 1.640 vrijwel gelijk (1.650 in 2017). Sinds 2000 is dat echter enorm afgenomen. Toen waren er nog 2.710 bedrijven. I september komt het CBS weer met aangepaste arealen, als ook de regionale cijfers berekend zijn. In maart 2019 zijn de definitieve cijfers bekend. Volgens woordvoerder Cor Pierik kunnen die één procent hoger of lager uitvallen dan de voorlopige gegevens. Trekkerkenteken verplicht vanaf 1 januari 2021 Bloembollenareaal groeit met 1.000 ha Op 20 augustus 2020 is leliespe- cialist en -liefhebber Piet Door- duin overleden aan de gevolgen van het Covid-19 virus. Vanaf halverwege de jaren zeventig was hij werkzaam in teelt en handel van leliebollen en was er tot op het laatst actief bij be- trokken. Piet was een selfmade man, had vaak eigen ideeën, volgde niet op voorhand de gangbare op- vattingen. Zijn kennis deelde hij met veel mensen in het lelievak, zowel in Nederland als interna- tionaal. Hij reisde nog frequent naar bijvoorbeeld Zuid-Afrika, waar klanten hem graag ver- welkomden. Vanwege zijn gro- te vakkennis is hij een aantal jaren betrokken geweest bij het Scheidsgerecht en de PAC (Pro- gramma Advies Commissie) van het voormalige LBO. Hij blijft in onze herinnering als de leliepro- fessor met een glimlach. In Noord-Holland en Zuid-Holland is er minder erfemissie. Dit komt door deelname aa het project ‘Schoon erf, schone sloot’. Bij aangesloten bol- lenbedrijven werden monsters genomen, waarna mogelijke maatregelen werden besproken. Alle deelnemers hebben (meerdere) maatregelen geno- men. Daarnaast is de bewustwording gegroeid, waardoor er ook minder emissie is. Dit meldt de organisatie, die onder andere bestaat uit de KAVB, CLM en de desbetreffende provincies en waterschappen. In Zuid-Holland is een aanvraag ingediend om in 2018 tot en met 2020 nog eens dertig bol- lentelers te begeleiden om de afspoeling op hun bedrijven te verminderen. Agrariërs in Noord-Holland kunnen via het Landbouwportaal Noord-Hol- land subsidie krijgen voor emissiebeperkende maatregelen op het erf. Minder erfemissie door bewustwording en maatregelen Leliespecialist Piet Doorduin overleden

Begin augustus werd ik gebeld over ‘Keurmerk Veilig Buitengebied’. Het doel van dit project dat in bepaalde regio’s in Noord-Holland gaat draaien, is een veiliger buitengebied te creëren zonder drugs en criminaliteit. Op dit gebied ben ik gelukkig behoorlijk onervaren. Wel kwam het een keer vrij dichtbij, toen een hen- nepkwekerij werd opgerold bij de buurvrouw van mijn zus en zwager, alweer een paar jaar geleden. Dit jaar zijn in Noord-Holland al acht drugslabs opgerold. Dat vind ik best veel. Als je de nieuwsberichten leest, blijkt herken- nen van drugsgerelateerde criminaliteit he- lemaal niet zo makkelijk. In Heiloo was een garagebox doelwit. ‘Vissers’ huurden de loca- tie, namen vis mee, deelden die met de buren, repareerden netten voor de deur, waren soms ‘een tijdje op zee’ en leenden materiaal uit. Buren op het bedrijventerrein hadden niets door. Toch bleek het een productielocatie te zijn voor een grondstof van XTC. En neem die buurvrouw. Die zei gewoon ‘hallo’ tegen ieder- een, had geen afgeplakte ramen en was geen onguur type. Ik kan mij nog heri neren dat er onderzoek is gedaan naar het vinkje op supermarktpro- ucten van Stichting Ik Kies Bewust. Kent u ze? Er zijn twee vinkjes: een gezo dere keus (groen) en een bewuste keus (blauw). Het idee is dat de vinkjes duidelijk aken wat de be- tere keuze is in een productgroep. Maar in de praktijk werkt dat niet. Veel fabrikanten ge- bruiken geen vinkjes omdat ze flink moete etalen om het logo te mogen gebruiken. Ee prod ct zonder logo kan daarom net zo goed zijn als een et het logo. Daarbij zijn produc- ten met logo niet automatisch gezond. Er zit misschien minder vet in dan in een vergelijk- baar product, maar wel meer suiker. Kortom: het roept verwarring op. Steeds vaker willen drugsmakers locaties hu- ren. Ook schuren zijn geliefd. Het liefst in een buitengebied met weinig controle. Wie zijn schuur goedbedoeld wil verhuren, kan zomaar in de problemen komen. Om te waarschuwen voor de gevaren, aandacht te vragen voor het probleem en om te voorkomen dat schuren worden verhuurd aan drugscriminelen, gaat op 2 september het project Keurmerk Vei- lig Buitengebied van start in Koggenland. In oktober is de kick-off voor de gemeente Hol- lands Kroon. Greenity volgt het project om u te informeren en te behoeden voor gevaren. Niet alleen is de verhuur van schuren voor criminele activiteiten strafbaar, maar de fa- bricage van drugs kan ook ernstige bodem- en waterverontreiniging veroorzaken. In de volgende editie spreken we met Paul van der Weiden, adviseur lokale veiligheid bij het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid. Om één quote alvast prijs te geven uit dit gesprek: “Je kunt maar één keer ‘nee’ zeggen. Dat is alleen de eerste keer als ze het vragen.” Goed aan de ambitie van het Platform Duur- zame Handel Bloembollen en Vaste Planten is dat alle keurmerken worden meegenomen. Er moet alleen wel betaald worden voor de certi- ficering. Dat moeten niet te veel cijfers voor de komma zijn, a ders wordt het voor iedere kweker een opgave om mee te doen. Dan krij- gen we hetzelfde verhaal als met de vinkjes. Lilian Braakman — Redacteur l.braakman@greenity.nl Het Platform Duurzame Handel Bloembollen en Vaste Planten heeft de ambitie itgespro- ke dat in 2024 alle bloembolle en vaste plante gecertificeerd zijn. Dat zal i stappen gebeuren. Met welk certificaat maakt niet uit: dit kan MPS, PlanetProof, Groenkeur, Global GAP of Skal zijn. De ambitie moet leiden tot een betere kwaliteitsborging en aansluiten bij de duurzaamheidseisen die retailers aan de handelsbedrijven stellen. Maar wat zegt een certificering? De Consumentenbond voerde met succes actie tegen deze vorm van misleiding. De verpakkin- gen met de vinkjes mogen nog tot 19 oktober 2018 geproduceerd worden. Het zal nog even duren voordat ze echt uit het schap zijn, maar aan het vinkje komt een einde.

4

28 augustus 2020

6

5 juli 2018

S T E L L I NG

De verwoestende brand bij Wit Flowerbulbs eind juli bracht een keerzijde van zonnepa- nelen aan het licht: bij brand spatten de pa- nelen uiteen in minuscule stukjes, die in de wijde omgeving voor vervuiling zorgen. On- danks dit risico blijven panelen interessant; bedrijfseconomisch, maar ook vanwege de duurzaamheid. Ondanks gevaar van brand blijven zonnepanelen interessant

61 % E E N S

Op www.greenity.nl kunt u reageren op de nieuwe stelling: ‘Ik heb veel vertrouwen in het komende broeiseizoen’.

Vaktentoonstelling vraagt bollen in te sturen Het bestuur van de Stichting Vaktentoonstelling is van plan de editie van 2021 door te laten gaan. Deze staat gepland van 11 tot en met 14 februari. Inzenders wordt gevraagd bollenmonsters in te leveren. De verwachting is dat wel enkele aanpassingen nodig zijn. In de komende maanden zal, in overleg met lokale overheden en Proeftuin Zwaagdijk, duidelijk worden hoe de Vaktentoonstelling georganiseerd kan worden. Mocht duidelijk worden dat de Vaktentoonstelling niet doorgaat en zijn de bollen nog niet opgeplant door Proef- tuin Zwaagdijk, dan zijn aan de inzending geen kosten verbonden.

GrootGroenPlus toch digitaal

GrootGroenPlus 2020 wordt dit jaar van 30 september tot en met 2 oktober gehouden als digitaal platform. De aanmeldingen en aanbe- talingen schuiven door naar de fysieke editie van 6 tot en met 8 oktober 2021. Voor de 150 exposanten zijn er zo in 2020 geen kosten ver- bonden aan deelname. De organisatie wilde aanvankelijk de fysieke beurs laten doorgaan, maar ziet zich door de ontwikkeling rond corona nu toch genood- zaakt daarvan terug te komen. De onlangs ge- opende bezoekers- en persregistratie was voor deze beslissing ook een graadmeter. De aan- meldingen bleven flink achter op voorgaande jaren.

C O L O F ON

28 augustus 2020 De redactie werkt op basis van een redactiestatuut. Aan alle artikelen en rubrieken wordt de meest mogelijke zorg besteed. Uitgevers, redactie en medewerkers aanvaarden echter geen enkele aansprakelijkheid voor mogelijke gevolgen die direct en/of indirect kunnen voortvloeien uit de inhoud van artikelen en/of advertenties. De redactie houdt zich het recht voor om ingezonden brieven enmededelingen niet te plaatsen dan wel te wijzigen of in te korten. Overname van artikelen, berichten of fotografie is uitsluitend toegestaan na schriftelijke toestemming van de redactie. Greenity is een voortzetting van het tijdschrift BloembollenVisie (2003-2017). BloembollenVisie ontstond uit een samenvoeging vanMarktVisie (CNB) en Bloembollencultuur (KAVB). REDACTIE Hans van der Lee (hoofdredacteur), Lilian Braakman, Arie Dwarswaard, Ellis Langen en Monique Ooms (vakredacteuren), André Leegwater (eind- en webredacteur) FOTOGRAFIE René Faas VORMGEVING Filie Nicola en Lianne van ’t Ende WEBSITE www.greenity.nl CONTACT Postbus 31 | 2160 AA Lisse | tel. 0252-431 431 | info@greenity.nl ADMINISTRATIE tel. 0252-431 200 | naw@cnb.nl REDACTIEADRES Heereweg 347 | 2161 CA Lisse ABONNEMENTEN Excl. btwper jaar:Nederland€275,–, Europa€295,–, buitenEuropa€325,– ADVERTENTIES Bureau Van Vliet bv | Postbus 20 | 2040 AA Zandvoort | tel. 023-5714745 | zandvoort@bureauvanvliet.com UITGEVERS KAVB en CNB ISSN 2589-4099

Vanwege de vele afgelastingen van evenementen door het coronavirus staat er in deze Greenity geen agenda.

5

28 augustus 2020

I N G E S P R E K

28 augustus 2020

28 augustus 2020

6

28 augustus 2020

‘Ik zou willen dat het simpeler kon’

Greenport Noord-Holland Noord heeft het drukker dan ooit, al zijn er zo goed als geen kennisbijeenkomsten. Het verbinden van de agrarische sector, onderwijs en overheid vergt juist daardoor nog meer inspanning van programmamanager Jeroen Noot en zijn team. Vlak voor het uitbreken van de coronacrisis paste het platform de strategie aan. Is er haast? Noot: “Soms word ik wel eens zenuwachtig. De opgaven zijn enorm, daar is van iedereen meer inzet voor nodig.”

Jeroen Noot PROGRAMMAMANAGER GREENPORT NHN

Als kind rolde Jeroen Noot de bloembollensector in, toen hij als elfjarige ging pellen bij buurman Piet Warmerdam. Zijn opleidingen en carrière leidden hem echter naar de gemeente Den Helder, waar hij economisch beleidsmedewerker werd. Vervolgens werd hij rela- tiebeheerder agribusiness bij de Kamer van Koophandel in Almaar. Hij vertrok bij de KvK om voor zichzelf te beginnen. Als zelfstandige was hij onder meer netwerkcoördinator voor de KAVB-kringen en hij begon aan een klus bij de Greenport Noord-Holland Noord. Nu staat Noot als programmamanager aan de leiding bij Greenport NHN, dat sinds maart een aangescherpte strategie heeft.

Tekst: Hans van der Lee | Fotografie: René Faas

Het klinkt als een cliché: de sector staat onder druk. Toch is het zo, want 2030 is ook voor Greenport een belangrijke deadline. Hebt u haast? “Er verandert veel in de aanloop naar 2030. Wat de bloem- bollenteelt betreft delen we de visie Vitale Teelt 2030 van de KAVB. Bedrijven moeten en willen innoveren om duurzamer en economisch rendabel te werken, maar daarbij hebben ze onderzoek, onderwijs en de overheid nodig. Als Green- port NHN weten we als geen ander dat het tempo van het bedrijfsleven anders is dan van de andere spelers. We kijken als Greenport verder dan alleen de bollen en we zien dat het tempoverschil in alle sectoren speelt. Soms word ik wel eens zenuwachtig, er is meer inzet nodig om de gezamenlijke doelen te halen.” Hoe willen jullie dat klaarspelen? “Greenport NHN bestaat maar uit 2,9 fte, maar we zijn wel in staat om mensen, kennis en middelen bij elkaar te bren- gen. Centraal in onze nieuwe strategische visie staat dat we streven naar een toekomstbestendige agribusiness. Enerzijds is imago en positie voor de agrarische sector zelf belangrijk, maar voor de provincie en de gemeenten is een sterke agra-

28 augustus 2020 de agenda, dus dat maakt deel uit van onze strategie. Ook de arbeidsmarkt moet toekomstbestendiger en dat gaat verder dan goede huisvesting voor seizoenarbeiders. Er Hoe ziet de nabije toekomst eruit, in de Greenport-visie? “We zien een belangrijke rol voor ‘smart farming’ in alle agrarische sectoren en sectoren zitten wat ons betreft niet in een hokje. We kunnen leren van elkaar en daarom proberen we ontwikkelingen uit de ene sector te vertalen naar de andere. Met name bij smart farming zijn dat soort verbanden tussen de vollegrondsgroente, bloembollen en akkerbouw duidelijk. Voor die sectoren en voor de veehou- derij staat omgaan met de klimaatverandering ook hoog op rische sector ook van belang. Mensen en middelen komen zo wel bij elkaar. Ondertussen proberen wij het netwerk uit te breiden met andere belanghebbenden dan ondernemers, overheid en onderwijs, zoals bijvoorbeeld het waterschap. Ook werken we intensiever samen met de andere Green- ports. In dat grote netwerk heb je soms verschillende belangen. De kunst is om altijd in gesprek te blijven met elkaar, om te kijken waar de gezamenlijkheid zit. Uiteinde- lijk bereik je door samenwerking veel meer.”

7

28 augustus 2020

I N G E S P R E K

‘Een goed imago van de sector is cruciaal om iets voor elkaar te krijgen’

is een sterke samenhang met het imago van de agrarische sector, dat sterker moet worden. Ook de werkgevers kunnen nog een slag maken, want als we in de toekomst mensen naar de sector willen trekken, dan moeten de werkgevers ze ook in de watten leggen. We hebben veel mensen nodig, van arbeidsmigrant tot hoger opgeleide kenniswerkers. Werkne- mers willen gewaardeerd worden en zich kunnen ontwikke- len. Dat gaat nog niet overal goed.” En wat kan de overheid betekenen om de toekomst van de sector zeker te stellen? Als we naar economie en duurzaamheid kijken, zien we veel innovatiedrang bij ondernemers in zowel bedrijfsvoering als techniek. Er ligt hier ook een belangrijke rol voor de over- heid, vooral bij de vraag hoe we met de ruimte omgaan. Een goed ruimtelijke-ordeningsbeleid is onmisbaar en dat speelt ondernemers wel eens parten. Toen een tuinbouwbedrijf een aanvraag deed voor een innovatieve teelttechniek, was de ge- meente daar nog niet klaar voor. Het duurde daardoor heel lang voor er vergunning kwam. Vervelend voor de onderne- mer en de vooruitgang van de sector. Bedrijven zien er vanaf 2030, 2040 heel anders uit, daar moet wel ruimte voor zijn. De regels en de markt voor gewasbeschermingsmiddelen veranderen ook snel en ook daar is dus veel kennis en onder- zoek nodig. Een grote hobbel die we daar snel voor moeten nemen, is de uitwisseling van die kennis. Een mooi voor- beeld is Vollegrondsgroentenet in de tuinbouw en ook de telers van NLG Holland zijn een goed voorbeeld. We zoeken de samenwerking tussen middelenproducenten, de adviseurs en onderzoekers en de telers. In dat licht is het verschrik- kelijk jammer dat praktijknetwerk Veldleeuwerik voor de akkerbouw verloren ging.” Mist Greenport het collectieve gevoel in de sectoren? “De collectiviteit wordt vaak klein gevonden. In studieclub, regionale kring, of regiobestuur weten ondernemers elkaar wel te vinden. Zelf werken we in projecten veel met onder-

nemers samen. De opgaven waar we voor staan raken echter het grote collectief: alle ondernemers in de sector. Als we met elkaar niet regelen dat er antwoorden komen, dan komt de toekomst van de sector in gevaar. In dat opzicht vraag ik me wel eens af of de sector zich voldoende druk maakt over en investeert in gezamenlijk onderzoek en het delen van kennis.” Kan Jeroen Noot die collectiviteit met Greenport terug- brengen? “Vanuit Noord-Holland Noord draag ik daar in elk geval graag aan bij. In onze missie staat samenwerking aan ge- zamenlijke opgaven centraal en we doen onze uiterste best om draagvlak te maken, partijen bij elkaar te brengen. We spreken de taal van de ondernemers en van de overheden en dat maakt het makkelijker. Greenport NHN steunt gelukkig op een aantal belangrijke partners, maar de coronacrisis vertraagde wel een aantal zaken. Dat is jammer. We moeten juist door, net als ondernemers doorgaan met ondernemen. Er is nog zoveel te doen om alles voor elkaar te krijgen. Een geweldige uitdaging.”

8

28 augustus 2020

C O L UMN

Uniek

Hans Kleijwegt hanskleijwegt@icloud.com

Het verschil tussen gewone en geweldige bedrij- ven zit vaak in heel kleine, simpele dingen. Zij zien iets wat anderen niet zien. Met dit kleine verschil worden heel grote en goede bedrijven gebouwd. Het gebrek hieraan in de bollenwereld wordt pijnlijk duidelijk tijdens de coronacrisis. Voor- heen reisden we naar alle uithoeken van de we- reld als moderne troubadours in optocht langs dezelfde klanten, en soms een nieuwe, om onze producten te verkopen. Allemaal hebben we een – in onze eigen beeldvorming – uniek product en dienst voor elke specifieke klant. De klant hanteert drie criteria bij zijn keuze voor aan- koop: de mens, het bedrijf en de prijs. De mens, met wie, welke persoon, wil een klant zaken- doen. Wie past het beste bij hem of haar. Het bedrijf, in welk bedrijf heeft de klant het meeste vertrouwen. Welk bedrijf heeft de beste kaarten voor een goed eindproduct. En als laatste – niet onbelangrijk – de prijs. Het moet tenslotte wel allemaal scherp en als de prijs niet goed is, zijn de eerste twee criteria toch niet zo belangrijk. Het product, de kwaliteit en de dienstverlening noem ik bewust niet, want deze zijn in de essen- tie bij iedereen gelijk. Als we niet naar de klant kunnen reizen, valt de mens in het rijtje aankoopcriteria af. En hoe lan- ger deze crisis duurt, hoe meer het bedrijf ook naar de achtergrond wordt gedrongen. Uiteinde- lijk is het alleen de naam op de label van de kist met bollen. Wat overblijft, is de prijs en dat is bij overaanbod dodelijk voor iedereen in de keten. Het kan immers niet alsmaar goedkoper. Zeker niet als onze eigen kosten steeds stijgen. Daar zitten we dan, overgeleverd aan wat de klant aan ons wil besteden in de wetenschap dat we eigenlijk alleen maar ‘ja’ kunnen zeg- gen. Dan leveren we een uniek product in de wereld wat niemand zo goed kan als wij en toch moeten we het zowat weggeven. Daar word ik nu verdrietig van.

28 augustus 2020

28 augustus 2020

28 augustus 2020

9

28 augustus 2020

PLANTARIUM KVBC Summer Challenge

Tekst: Lilian Braakman Fotografie: PR

De noviteitenkeuring die jaar- lijks op Plantarium

plaatsvindt, gaat ver- der onder een nieuwe naam: de KVBC Summer Challenge. Daarmee profileert de Koninklij- ke Vereniging voor Bos- koopse Culturen (KVBC) zich als een merk. Eer-

der in juni was al de Spring Challenge. Voor de Summer Challenge zijn 25 nieuwigheden aangemeld door zeven inzen- ders. Van elke inzender staat hier één noviteit.

1. Echinacea ‘White Perfection’ De Echinacea ‘White Perfection’ is een nieuwe variëteit in de SunSeekers- serie van Innoflora. Deze Echinacea heeft

wel twee tot drie rijen bloemblaadjes. De meeste cultivars hebben een enkele rij. De plant kan zowel in de volle grond als in een pot en wordt tussen de 45 en 60 cm hoog. Hij is compact, rijkbloeiend en heeft stevige stelen. Inzender: Gootjes-AllPlant, Heerhugowaard Veredelaar: InnoFlora

1

2

3



28 augustus 2020

Op 2 september tussen 10.00 en 10.45 uur worden de winnaars bekendgemaakt door ‘Mr Plant Geek’ Michael Perry via Plantarium Digital Expo.

2. Calluna vulgaris ‘Frühe Lisbeth’ De ‘Frühe Lisbeth’ is wat de naam doet vermoeden een vroegere variant van de Calluna vulgaris ‘Lis- beth’. Hij bloeit ongeveer twee weken eerder, daar- door is het de eerste violetkleurige struikheide. Half augustus laat de plant haar kleur zien. Deze cul- tivar valt in de lijn Gardengirls, wat betekent dat het een winterharde knopbloeier is. De knop gaat niet open en blijf daardoor lang mooi. Inzender: Gardengirls, Duitsland Veredelaar: Johannes van Leuven, Duitsland 3. Physocarpus opulifolius Sweet Cherry Tea Bijzonder aan deze sneeuwbalspirea is de herbloei- ende eigenschap. De bloei begint in de zomer. Door de nieuwe scheuten zijn er meer roze bloemtrossen. De vertakking die volgt, zorgt voor veel zijscheu- ten met bloemen. Dit verhoogt de dichtheid van de plant. Het blad van de Physocarpus opulifolius is in de lente warm roodoranje. Met de tijd verkleurt dit tot rijkpaars. Wanneer het bloemblad valt, komen de rozerode vruchten in zicht. Deze houden een paar weken hun kleur.

markt. Dit pampasgras wordt inclusief bloem niet langer dan 60 cm.

Inzender: Van Vliet New Plants, Stroe Veredelaar: Kwekerij Daylight, Boskoop

7. Clematis ‘Manju’ In het najaar van 2020 komt Clematis ‘Manju’ op de markt. Deze aanwinst komt uit Japan, is onder licentie bij Planttip en wordt geproduceerd en ver- kocht door Joh. Stolwijk & Zonen Boomkwekerijen. Bijzonder aan deze Clematis is zijn lange bloeitijd. Deze is van mei tot oktober. De gevulde, dubbe- le bloemen zijn zo’n 8 cm groot. Verder is hij goed winterhard tot -15°C. Inzender: Joh. Stolwijk & Zonen Boomkwekerijen, Boskoop Veredelaar: Shigeaki Ochiai, Japan

Inzender: Kolster, Boskoop Veredelaar: David Zlesak

4. Spiraea japonica Double Play Doozie Spiraea japonica Double Play Doozie is een intro- ductie in het Proven Winners-assortiment. In het voorjaar valt deze plant op door het frisse limekleu- rige blad met rode scheuten. De bloei start in juni. Tot ver in de herfst komen er herhaaldelijk nieuwe rozerode bloemen. Dit is de sterkste eigenschap van deze steriele herbloeiende Spiraea. Waar bij andere Spiraea’s de bloei stopt en bloemen bruin kleuren, blijft deze continu bloeien waardoor de sierwaarde blijft. De plant is winterhard, bladver- liezend en is onderdeel van de serie Double Play. Inzender: Valkplant, Hazerswoude Veredelaar: T. Ranney, USA 5. Salvia Feathers Flamingo Het blad van de Salvia Feathers Flamingo is diep ingesneden, wat de plant een luchtige uitstraling geeft. Deze Salvia heeft zachtroze, puntige bloe- men en bloeit al in het eerste jaar. De bloeiperio- de is langer dan van andere Salvia: van juni tot en met augustus met een nabloei in de herfst. Sal- via Feathers Flamingo is goed vertakkend en blijft klein: circa 45 cm hoog en 25 cm breed. De plant is geschikt voor massabeplanting. Inzender: Gebr. Th. & W Alkemade, Lisse Veredelaar: Kees-Jan Kraan, Alphen a/d Rijn 6. Cortaderia selloana Tiny Pampa Half augustus begint Cortaderia selloana Tiny Pam- pa met bloeien. Op een 5-literpot zitten vijf tot zes bloemen die de hele winter bloeien. Ook als een- en tweejarige plant bloeit hij rijkelijk. Het groot- ste voordeel van deze plant zit hem in de logistieke mogelijkheden. De Cortaderia selloana Tiny Pampa is de kortste en meest compacte Cortaderia op de

4

6

5

7

28 augustus 2020



28 augustus 2020

‘Ik wil wat betekenen voor de mensheid’

Nico Karsten tussen de Dianthus barbatus ‘Green Trick’.

12

28 augustus 2020

Hij wordt mesjokke van regeltjes van de overheid. Nico Karsten van broeierij en kwekerij Franico in Hoogwoud loopt als duurzame kweker ook wel erg vaak tegen dat probleem aan. Hij is nu eenmaal een ondernemer die vooruit wil, praktisch is ingesteld, zijn mondje roert en buiten de gebaande paden gaat. “Ik wil niet afhankelijk zijn van derden”, zegt hij over zijn grootste drijfveer.

Tekst: Ellis Langen | Fotografie: René Faas

“I k kan niet tegen vrijheidsberoving”, begint Nico Karsten. Hij zit aan een lange tafel in zijn kantine, waar vijftien tot twintig man personeel pauze houdt. Dat kan hier niet op 1,5 meter. Maar hij vindt de coronaregels en de lockdowns veelal overdreven. “Het heerst hier niet. Ik heb een groot netwerk, maar ken niemand die besmet is. We laten geen veertig jaar werk verdampen door coronaregels. Het gaat ten koste van zoveel. Alles wat leuk is, mag niet meer.” Door corona heeft het bedrijf van Nico en zijn broer Frank wel zaken over een andere boeg gegooid. De hoofdactiviteiten zijn nog steeds tulpen- en jaarrond irisbroei en Helleborus- en pioenenteelt. Echter, in de kassen zijn er sinds april ‘corona- teelten’ bijgekomen: de sierdistel Carthamus en Limonium. Ze verwachten dat deze minder uit Afrika gaan komen. Ook worden er LA-bollen in de kas geplant. Meer dan een miljoen hebben ze van een kennis gekocht, ‘want anders zouden ze in de vergister belanden’. “We hadden de lelieteelt afgezworen, maar we zien nu een kans. Wellicht leveren ze een goede prijs op zo tegen 1 september, een feestdag in Rusland, en 1 novem- ber Allerzielen en Allerheiligen.” In andere teelten krimpt Franico. Zo vermindert het de buitenirissen dit jaar met de helft. Irissen in de kas halveert het bedrijf bijna. Karsten denkt aan zo’n 6 miljoen stelen. Die fikse terugschakeling heeft verschillende redenen. De irissen gaan hoofdzakelijk naar Engeland, maar dat land gaat na de Brexit invoerrechten heffen. “Dan worden onze bloemen duurder.” Het bedrijf denkt eraan in november en december geen irissen te broeien. Een andere onzekere factor is de twee- de golf corona. “Nederlanders kopen irissen niet zo makkelijk als tulpen”, zo leerden ze het afgelopen seizoen. Toen zijn er 2,5 miljoen irissen weggegooid. Een andere reden om minder irissen te hebben is dat in november en december kerstgerela- teerde bloemen steeds eerder in trek zijn bij kopers.

28 augustus 2020

13

28 augustus 2020

Voor de tulpenbroei liggen de kaarten anders. De produc- tie wordt verhoogd van 7 naar 12 miljoen. Ze hebben veel meer ‘Strong Gold’ aangekocht. “Een soort die gezien de houdbaarheid gemakkelijker met de boot naar Amerika kan. Hierdoor zijn we minder afhankelijk van de luchtvrachtta- rieven.” Daarnaast houdt corona waarschijnlijk nog een hele tijd aan. “Mensen in West-Europa willen het binnen gezellig maken. De supers moeten hun emmers toch vol hebben. En waarschijnlijk kunnen ze dat minder met import uit Afrika en Zuid-Amerika.” Franico heeft zelf bij vijf Spar-supermark- ten in de omgeving een eigen bloemenstal. Daar verkoopt het zelfgemaakte boeketten van eigen bloemen en bloemen die het op de klok koopt. De Spar vangt een percentage van de omzet. “We verdienen er geld aan én het is leuk”, zegt Karsten. IDEAALPLAATJE Naast de bloementak participeert Franico in twee biovergis- tingsinstallaties. De ene runt Karsten al twaalf jaar samen met de buurman, die melkveehouder is. De andere, in Hensbroek, kochten ze vorig jaar met vijf andere onderne- mers op na een faillissement. Er gaan vrijwel alleen bollen in beide vergisters. De gemaakte warmte en elektriciteit worden zoveel mogelijk zelf benut of gaan naar nabijgelegen kassen en woningen. Het digestaat gaat hoofdzakelijk over het land van de melkveehouder en akkerbouwers. De dikke en dunne fractie gebruikt Karsten zelf in de kasgrond en over de pioenen als kunstmestvervanger. Karsten voegt na monstername van het digestaat verschillende mineralen en sporenelementen toe. Al jaren zoekt hij een manier om het restproduct van de bio- vergister te vermarkten. Zo heeft hij er jaren eendenkroos mee gekweekt, dat kan dienen als duurzame eiwitbron. “De teelt ging prima. Er was zelfs lekkere kaas van te maken. Echter, ook hier waren regeltjes de bottleneck.” In de EU mag het kroos vanwege voedselveiligheid niet als eiwitbron verhandeld worden. Partijen als ABC Kroos, Wageningen en zijn Van Hall Larenstein, proberen dat alsnog voor elkaar te krijgen. Als dit lukt, is dat voor de tulpenbroeisector fantas- tisch. “’s Zomers kunnen ze dan eendenkroos kweken op hetzelfde systeem als de tulpen.” Ooit hoopt hij de vruchten te plukken van zijn eendenkroos- project. Zijn ideale toekomstplaatsje is dat grote broeiers een eigen biovergister hebben en dat zij de stroom en warmte zelf zo veel mogelijk gebruiken. “Hopelijk is de regelgeving dan ook zo ver dat ze overige warmte in de bodem mogen opslaan.” Het digestaat is dan voor de teelt van eendenkroos die vervolgens wordt afgezet naar eiwitbronafnemers. “Dan is de cirkel rond.” Karsten hoopt het nog mee te maken. “Iedereen in het vak weet dat als er ooit eendenkroos geteeld wordt naast tulpen, dat het idee van mij komt. Vergeten ze me nooit meer. Heb ik toch wat betekent voor de mensheid”, zegt hij. Een ander ideaalplaatje is dat de digestaat ook gebruikt kan worden als ‘de nieuwe kunstmest’. Karsten test samen met zijn irisbollenleverancier Hopman het effect ervan in de teelt. “We hebben een baan irissen waarop we verschil- lende soorten en hoeveelheden digestaat brengen in plaats van koeiendrijfmest.” Komende winter broeit hij de eerste irisbollen. Ook bij Proeftuin Zwaagdijk loopt een proef, maar dan met tulpenbollen. De resultaten worden snel verwacht. De ‘mest’ zou ideaal zijn voor bollenteelt in het zandgebied,

Er staat ook een zaadteelt van spinazie in de kas. Franico voert de mussen bij. Zij zijn er de oorzaak van dat er al veel zaadjes op de grond vallen.

De biovergister die Franico runt met de buurman.

Toekomst ligt bij tulpen en pioenen Franico teelt jaarrond irissen, voornamelijk ‘Blue Magic’ en ’s zomers ook ‘Blue Magic Max’ en ‘Valentine’ van Maveridge en ‘Hongkong’. Vanaf 1 april wordt er buiten geplant; die irissen wor- den van juli tot en met half oktober geoogst. Alleen op de locatie in Hoogwoud worden buitenirissen gekweekt. Zo’n 2 miljoen, die op 8 hectare vers land rouleren. Nog even en de eerste binneniris- sen zijn er weer. Voor de tulpenbroei moest Franico dit jaar voor het eerst bollen bij meerdere kwekers inkopen. De vaste leveran- cier, gebroeders Bakker uit Zwaag, had er te weinig en Karsten breidt behoorlijk uit. Naast de coronateelten heeft Franico ook ‘rustteelten’ staan, zoals Trachelium. Dit jaar voor het eerst ook een groene variant. Ook Dianthus barbatus ‘Green Trick’ wordt gekweekt. Franico heeft drie locaties met glas. In Hoogwoud 2,5 hectare waar de tulpen en irissen worden gebroeid. Op de locatie in Hensbroek bij de biovergister staan in een koude kas pioenen en Helleborussen. Dan heeft het bedrijf nog een kleine locatie in Opmeer, waar voornamelijk boeketten worden gemaakt voor de Spar. In de oude kas die daaraan grenst, staan nu ook wat ‘corona- teelten’. In de toekomst wil het bedrijf zich meer focussen op tul- pen en pioenen. Het bedrijf heeft ook twee hectare buiten pioenen.

14

28 augustus 2020

De proef met irisbollen op water geteeld.

waar kunstmest snel uitspoelt, aldus Nico. “Ik ben ervan overtuigd dat digestaat beter is voor de grond en dus ook voor het gewas dan kunstmest. Nu de bewijzen nog.” TOELEGGEN OP TEELTEN Karsten vindt dat door allerlei wetten en regels en het zwal- kende overheidsbeleid het ondernemersplezier hem nogal eens wordt ontnomen. “Ik moet zeker nog tien jaar. Daarom wil ik vooral nog investeren in werkplezier. Voor mezelf en voor het personeel”, zegt hij wanneer het rondje in de kas wordt gemaakt. Binnen het bedrijf hebben de broers een duidelijke rolverdeling. Frank doet de verkoop. Nico is een druk baasje en is veel buiten de deur. “Ik ben een praatgraag en wil op het podium staan.” Toch had hij te veel aan zijn fiets hangen. Daarom heeft Franico anderhalf jaar geleden een procesoperator voor de biovergister aangesteld. “Kan ik me meer toeleggen op de teelten. Daar ligt mijn kracht.” De ondernemerszin is in de kas goed te zien; er wordt volop geëxperimenteerd. Een proef met irisbollen op water, een teelt van Zantedeschia op kisten en in zijn voormalige eendenkrooshoek – ‘waar vorig jaar de kikkers nog kwaak- ten’– staat dit jaar de eerste Dianthus ‘Kiwi Mellow’. Een deel ervan staat in kisten. Komende winter staan ze onder assimilatielampen. Zo hopen ze in februari voor Valentijn ook weer een snee te hebben. De ondernemer vindt het prachtig om ideeën te bedenken en uit te proberen, het liefst samen met anderen. “Iemand anders helpen geld te verdie- nen en dan samen genieten van wat je hebt bereikt. Dat vind ik het mooiste.”

28 augustus 2020

15

28 augustus 2020

Duurzaamheidskeurmerken zijn steeds vaker een voorwaarde om zaken te kunnen doen. Toch zijn er nog kwekers die twijfelen. Want voor welk keurmerk moet je kiezen? Wat is de waarde ervan? Als iedereen een keurmerk heeft, hoe kun je jezelf dan nog onderscheiden? En: waarom is het niet voldoende als de NVWA je partijen heeft goedgekeurd? Certificeren… Moet het nou echt?

Tekst: Monique Ooms en Hans van der Lee | Fotografie: René Faas

I n haar jaarlijkse ‘Signaal aan de wetgever’ geeft de Autoriteit Consument & Markt (ACM) aan dat het aantal duurzaamheidskenmerken – dat zijn er nu 250 – moet verminderen. Beter zou het zijn als er één keurmerk komt voor de hele markt. Het enorme aanbod zou ondui- delijkheid in de hand werken en het lastiger maken voor bedrijven om zich te onderscheiden. Raymond Scheepens, area manager bij MPS, reageert: “Het klopt dat er verschil- lende aanbieders voor keurmerken in de markt zijn, maar ik zie niet gebeuren dat er één keurmerk komt. Dan ontstaat er een monopoliepositie en valt er niks meer te kiezen voor ondernemers.” CENTRAAL KEURMERK Bovendien is er al zoiets als ‘een centraal initiatief, waarin gewerkt wordt met baskets met keurmerken’, weet Schee- pens. Hij doelt op het Floriculture Sustainability Initia- tive (FSI), waarbinnen leden met elkaar samenwerken om de duurzame productie en handel van bloemen en planten te stimuleren. “FSI heeft standaarden geformuleerd voor drie categorieën: sociaal, Good Agricultural Practices (GAP) en milieu. MPS is opgenomen in alle drie de baskets van FSI. Kwekers kunnen dus aan alle standaarden van de drie baskets voldoen met MPS-certificering. Ook andere certifi- caten binnen de sierteelt voldoen aan bepaalde baskets van FSI. Je kunt precies zien welke keurmerken er per categorie bestaan en zo kun je ze ook goed met elkaar vergelijken.” FSI is in korte tijd behoorlijk belangrijk geworden in de markt. “Organisaties als FloraHolland, Waterdrinker, Albert Heijn en Dutch Flower Group zijn erbij aangesloten.” Scheepens is ervan overtuigd dat certificering alleen maar belangrijker wordt. “FloraHolland verplicht al haar leden



28 augustus 2020

Het Platform Duurzame Handel Bloembollen en Vaste Planten biedt een overzicht van milieukeurmerken voor de bollensector en heeft bovendien een tool om certificaten met elkaar te vergelijken: https://www.platformsustainabletrade.com/ certificering/certificeringsschemas/vergelijken.

NVWA: ‘Inspectierapport heeft geen waarde voor de handel’ De Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) doet ook inspecties bij kwekers, waarbij met name wordt gekeken naar het gebruik van middelen. Bij akkoordbevinding laat de instan- tie echter geen certificaat of keurmerk achter. Bij navraag zegt de NVWA hierover: “Ons inspectierapport heeft geen directe waarde voor de handel. De NVWA heeft hier een andere rol.” Senior advi- seur beleidszaken René Lesuis van de NVWA verduidelijkt: “Het interesseert de afnemers van een bedrijf dat we hebben bezocht alleen als er iets aan de hand is bij het bedrijf.” In de voeding werken leveranciers van kwaliteitssystemen wel samen met de NVWA. Deze samenwerking tussen private instel- lingen en het overheidsorgaan NVWA is op initiatief van de keur- merkcontroleurs, omdat die baat hebben bij de samenwerking. Maar ook de NVWA ziet hier een meerwaarde in. “Dat zou ook kunnen in de sierteelt, maar die vraag is nog niet gekomen. Zo’n samenwerking kan leiden tot minder controles op de bedrijven, want als er overlap is tussen controlepunten kan er aanleiding zijn bedrijven minder te bezoeken of alleen te controleren op zaken die buiten de keurmerkeisen liggen. Een certificaat geeft tenslot- te ook borging. Er moet dan wel eerst gekeken worden naar de waarde daarvan voor de NVWA.” Binnen de NVWA wordt wel nagedacht over de keurmerken en de bijbehorende eisen. Zo is onlangs gekeken naar On the way to PlanetProof, waarvan de eisen volgens Lesuis deels aansluiten op die van de wet en die door de NVWA worden gecontroleerd. De gebruikte gewasbeschermingsmiddelen kan de NVWA wel achterhalen en of daar fouten in zitten, maar er wordt niet naar bovenwettelijke eisen gekeken. “Wij moeten ook selectief zijn in de controles, want we hebben niet genoeg mensen om alle bedrij- ven jaarlijks te bezoeken.” Ondernemers die een controle van de NVWA achter de rug heb- ben, kunnen het rapport altijd opvragen bij de autoriteit. “Dat is niet bedoeld om als bewijs achter het raam te plakken en onder- nemers krijgen het rapport niet automatisch.”

om eind 2021 een milieucertificaat te hebben. Kwekers die deelnemen of gaan deelnemen aan MPS-ABC voldoen al aan deze eis.” Dat is ook een goede keuze voor de bollenkwe- kers, stelt Scheepens. “Ik kan me voorstellen dat kwekers het lastig vinden te kiezen uit de milieukeurmerken die nu op de markt zijn. Met MPS-ABC zit je sowieso goed, omdat de export daar voornamelijk mee werkt, dus daar wordt al om gevraagd. Zo gaat het Platform Duurzame Handel voor 100 procent gecertificeerde bloembollen en vaste planten in 2024.” ONDERSCHEIDEND Dat duurzaamheidskeurmerken ‘onvoldoende onderschei- dend’ zouden zijn, ziet Scheepens anders. “GlobalGAP en MPS-GAP komen inderdaad voor 95 procent overeen, maar MPS-ABC is echt een unieke methodiek waarin gekeken wordt naar het totale verbruik van een bedrijf. Dit wordt vergeleken met kwekers met dezelfde producten en produc- tieomstandigheden. Hierdoor ontstaat een goed beeld van hoe duurzaam een bedrijf is.” Om wildgroei in logo’s te voorkomen, is MPS teruggegaan naar één vignet. “Elke deelnemer krijgt zijn eigen zescijfe- rig MPS-nummer, dat meegegeven kan worden met het pro- duct. Aan de hand hiervan kan de consument op de website informatie terugvinden over de kweker, de herkomst van het product en de certificaten die de kweker heeft.” Over de klacht dat het voeren van een keurmerk een flinke investering vraagt, maar niks oplevert, zegt Scheepens: “Steeds meer afnemers – exporteurs en retailers – willen alleen zaken doen met bedrijven die een keurmerk hebben. Zonder keurmerk heb je dus überhaupt geen business. Daar-

28 augustus 2020



28 augustus 2020

kwekers hebben maar kort de tijd om alternatieven testen.” Overigens vindt hij dat de bollensector ‘goed bezig is’ als het gaat om certificering en duurzaamheid. “Bij ons in de schappen liggen vooral MPS-gecertificeerde producten, maar het mag ook een ander milieucertificaat zijn.” Reijngoud raadt kwekers die nog twijfelen aan om toch met certificering aan de slag te gaan. “Ook zonder certificaat kun je aan de eisen voldoen, maar hoe maak je dat duidelijk aan al die consumenten die jouw product willen kopen? Je kunt het ze niet allemaal persoonlijk vertellen. Een certificaat schept duidelijkheid. Zie het niet als een bedreiging, maar als een kans. Ga op zoek naar de voordelen voor jou. En wees niet bang om de controle te verliezen. Als ondernemer zit je altijd zelf aan het stuur.” Wat de keuze moeilijk maakt, is dat lang niet alle certificaten bekend zijn bij de consument. “Daar kan Tuinbranche Nederland wellicht iets in betekenen, al zeggen wij onze leden niet welke keu- ze ze moeten maken.” Dat is wat Tuinbranche Nederland betreft aan de ondernemer. Volgens Wurain is kiezen voor een certificaat uiteindelijk nood- zaak. “Het percentage gecertificeerde bedrijven groeit, zodat ook het aanbod van gecertificeerd materiaal groeit. Als je bijvoorbeeld naar gecertificeerde biologische bollen kijkt, overtreft de vraag van met name gemeenten en provincies het aanbod. Grote bedrijven zijn al om, de kleinere zullen moeten volgen. Snijbloemen en bollen liepen achter ten opzichte van andere sierteeltproducten, maar er worden nu slagen gemaakt.” Tuinbranche: ‘Certificaat geeft transparantie’ Projectleider Duurzaamheid Toon Wurain van Tuinbranche Neder- land herkent het probleem bij de keuze voor een keurmerk of een certificaat. “Het zijn er veel, maar het is wel zo dat de consument er nieuwsgierig naar is. Misschien niet naar het keurmerk zelf, maar er is behoefte aan transparantie. Ze willen weten waar en hoe die bol groeide of waar het hout vandaan komt en of het niet illegaal is gekapt, zonder dat ze alle keurmerkeisen willen kennen.”

naast is MPS-ABC meer dan een keurmerk. Het is een managementtool waarmee bedrijven aan de juiste knoppen kunnen draaien om hun milieuprestaties te optimaliseren.” De roep vanuit de retail om keurmerken is steeds sterker hoorbaar. Dat heeft alles te maken met de vraag van de con- sument, weet Hans Reijngoud, kwaliteitsmanager bij Intra- tuin Nederland. “Als retail worden wij dagelijks bestookt met vragen van consumenten over duurzaamheid en veiligheid. Op dit terrein ligt een duidelijke vraag vanuit de consu- ment en de maatschappij die wij doorvertalen naar onze toeleveranciers, waaronder bollenkwekers. De consument wil garantie, dat hoort bij deze tijd. Milieucertificering is belangrijk om onze handel te kunnen borgen. Daarmee laten we zien dat de producten die wij verkopen verantwoord zijn geproduceerd.” Reijngoud kan zich voorstellen dat kwekers de roep om ‘veiligheid’ soms vinden doorslaan. “Wij proberen dan ook de nuance erin te brengen, onder andere door advies in te winnen bij instanties als CLM Onderzoek en Advies en mee te draaien in onderzoeksprojecten naar duurzaamheid van bijvoorbeeld de WUR. Op basis daarvan kunnen we een even- wichtige ambitie neerleggen. Bovendien willen wij de kwe- ker niet overvragen, anders hebben we geen handel meer.” PERSOONLIJK VERTELLEN Wie echter zaken wil doen met tuincentra in Europa kan niet om certificering heen, is zijn visie. “Als je daarin niet wilt meegaan, moet je je focussen op markten waar certi- ficering niet speelt. Dat is een keuze die je als ondernemer maakt.” Reijngoud begrijpt dat de duurzaamheidseisen druk geven bij kwekers. “De seizoenen volgen elkaar snel op en



28 augustus 2020

T E C H &M E C H

Inde rubriek Tech&Mech is er aandacht voor zowel nieuwe als vernieuwende producten uit de sector. Een plek waar techniek en mechanisatie structureel aandacht krijgen.

‘Productvriendelijk en snel kisten vullen’

Grimme GBF-kistenvuller Mechanisatie Haarlemmermeer www.mechanisatiehaarlemmermeer.nl Prijsindicatie: € 22.000

Op de website van Greenity staat een film waarin een gehele reinigingslijn te zien is. Van ontvangstbunker tot kistenvuller.

Tekst: Lilian Braakman | Fotografie: René Faas

De Grimme GBF-kistenvuller doet wat de naam doet ver- moeden: kisten vullen. Doordat bijna alles automatisch gaat, kan de lijn sneller draaien of is minder arbeid nodig. De kistenvuller is via ‘Flow Control’ te koppelen aan de lijn die ervoor staat. Doordat de machines com- municeren, stopt de aanvoer zodra beide kisten vol zijn. “Als een medewerker te laat is, loopt de kist met bollen niet over”, begint Walter van Haaster, verkoopadviseur bij Mechanisatie Haarlemmermeer. “Het voordeel van deze koppeling werkt ook andersom. De lijn gaat niet alleen uit als de kisten vol zijn. Als de kist gewisseld is en er staat een lege kist onder de machine, dan gaat de lijn automatisch weer draaien. Daar is geen druk op de knop voor nodig.” Het geheim zit in het kistenframe. Daarin zit een sensor die ziet of er een kuubkist staat. Pas dan zakt de vulband. Deze band vult de kist vanuit de buitenste hoek in één beweging volledig. “Dat de kist niet in lagen afgevlakt wordt, scheelt tijd. Deze machi- ne kan met hoge capaciteit kisten vullen.” Voor wie de kuubkist perfect afgevlakt wil hebben, is soms nog een handje nodig voor het laatste hoopje. TOT OP DE BODEM Wie de valhoogte van bloembollen in een kuubkist zo klein mogelijk wil maken, kan goed uit de voeten met de Grimme-kistenvuller. De bollen komen in het mid-

den van de machine haaks op de vulband. Deze band kan naar links en rechts. Het is een vrij gladde band met kleine meenemertjes. Het einde van de vulband kan horizontaal én in een knik naar beneden, zodat de val van de bloembollen zo klein mogelijk is. De uit- eindes van beide zijdes zijn nog productvriendelijker gemaakt met rubber. Dat rubber zit ook aan de boven- kant, zodat de bollen met geen mogelijkheid van de band af kunnen vallen als deze in een knik naar bene- den staat. Daarnaast zit het rubber aan de onderkant als valbescherming. Wanneer de kist vol is, stopt de band. Vervolgens gaat de vulband aan de andere zijde naar beneden. Pas als deze op de bodem van de kist is, gaat de vulband weer lopen. GEMAAKT VOOR BOLLENTEELT Deze Grimme GBF-kistenvuller is geschikt gemaakt voor de bloembollenteelt door Mechanisatie Haarlem- mermeer (premium partner van Grimme). Van Haaster: “Ik raad telers aan om de leverbare bollen te bewaren in kuubkisten van 120 cm bij 120 cm, of 120 cm bij 150 cm. Het kan in kisten van 120 cm bij 100 cm, maar dat wordt wat smal en daardoor worden de kisten minder goed afgevlakt.” De kistenvuller is zowel binnen als buiten te gebruiken doordat alles hydraulisch wordt aangestuurd.

28 augustus 2020

19

28 augustus 2020

VLAMING Intern Transport Toyota 80V-serie! Hefvermogen van 2,0 t/m 3,5 ton. Kijk op onze website

CannaSol: virusvrije knollen Bletilla: Nederlands geteeld Pioenen: breed assortiment www.green-works.nl

www.vlaming-interntransport.nl of voor gebruikte machines op: www.vlaming-occasions.nl.

T: +31 (0)228-565011 Zaadmar kt 8 | Bedr i j f venpar k WFO-Wes t | Zwaagdi j k -Oos t | T 0228 -565010 | F 0228 -565015 | E inf o@vl aming -gr oep.n l

bbv-green works 170919.indd 1

19-09-17 14:22

www.necap.nl - info@necap.nl - Wieringerwerf - 0227-603353

RISK-MANAGEMENT EN ONKRUIDBEHEERSING

verlengt de werking van bodemherbiciden en beperkt groeiremming van uw gewas op lichte grond! FUNGICIDE Regie met slagkracht! PITCHER ®

Pitcher bevat de unieke combinatie van folpet en fludioxonil. Dit maakt Pitcher sterk tegen bloembollenschimmels Fusarium en Rhizoctonia. Pitcher is een vloeibaar product en goed mengbaar met andere fungiciden. Dat maakt het inzetten van Pitcher eenvoudig: regie met slagkracht!

Voor boldompeling van bloem- bol- en bloemknolgewassen en de

gewasbehandeling van bloemisterijgewassen, Buxus en vaste planten.

MEER INFORMATIE OP WWW.HOLLANDFYTO.NL

ADAMA_A5adv_Pitcher_185x135mm.indd 11

27-01-20 09:02

Page 1 Page 2 Page 3 Page 4 Page 5 Page 6 Page 7 Page 8 Page 9 Page 10 Page 11 Page 12 Page 13 Page 14 Page 15 Page 16 Page 17 Page 18 Page 19 Page 20 Page 21 Page 22 Page 23 Page 24 Page 25 Page 26 Page 27 Page 28 Page 29 Page 30 Page 31 Page 32 Page 33 Page 34 Page 35 Page 36 Page 37 Page 38 Page 39 Page 40 Page 41 Page 42 Page 43 Page 44 Page 45 Page 46 Page 47 Page 48 Page 49 Page 50 Page 51 Page 52

Made with FlippingBook Ebook Creator